‘Arrestatie kan ik nu niet gebruiken’

Greenpeace bestaat dertig jaar. ‘Oude rot’ Theo de Winter (47) werkt bij het actieteam van de milieuorganisatie, naait spandoeken en bestuurt rubberboten. Hij woont samen met Moniek in Bakkum.

Vrijdag 27 februari

Werken bij het actieteam van Greenpeace betekent lange dagen maken, soms nachten achter elkaar door. Kort geleden heb ik besloten dat ik een paar uur vrij in de week best verdiend heb. Af en toe een vrije vrijdag dus. Maar als het druk is wil dat niet echt lukken. Zoals nu. Deze week bestaat Greenpeace dertig jaar en dat vieren we met een weekeind vol activiteiten. Bezoekers kunnen een rondleiding krijgen op onze actieschepen en meedoen aan workshops actievoeren: klimmen, rubberboot varen, spandoek schilderen en niet te vergeten: hoe je geweldloos moet blijven als er boze reacties komen. Mijn taak is het regelen van voldoende vrijwilligers voor het bootvaren. Daarnaast willen we vanwege de politieke besprekingen over het klimaatverdrag deze week nog een stevige actie doen.

Na het zoveelste telefoontje met mijn werk zegt mijn vriendin: je hebt toch vrij vandaag? Om nog wat van mijn dag te maken bel ik een vriend en we gaan lekker door de duinen lopen. Maar halverwege de wandeling hangen we allebei aan de telefoon. En dat terwijl ik een gruwelijke hekel heb aan mensen die lopen te bellen middenin de natuur. Ik kijk een Schotse Hooglander recht in de ogen terwijl ik aan de lijn hang met mijn baas. Die stomme mobieltjes hebben ons leven wel heel erg veranderd. Weet nog hoe ik – begin jaren negentig – bij acties rondliep met een van de allereerste mobiele telefoons. Voor het sjouwen van de enorme accu en lange antenne was apart iemand nodig en als hij rinkelde was dat echt iets bijzonders. We protesteerden in de haven tegen een chloortransport en de multinational waar we tegen protesteerden keek met een schuin oog toe: Greenpeace heeft al een mobiele telefoon! Maar ja, inmiddels is het zo gewoon geworden dat iedereen altijd overal belt. Al is het wel handig dat je de dingen nooit meer tot in de puntjes hoeft te regelen voor je de deur uitgaat.

Zaterdag

Ontbijt, oftewel koffie, lekker lezen en muziek aan. Later in de ochtend gaan Moniek en ik naar buiten. We wonen vlakbij het strand en zodra we de kans krijgen maken we een lange wandeling. Zoekend langs de vloedlijn naar gekke dingen.

Ik kan Greenpeace niet loslaten en zelfs op het strand loop ik te denken wat er allemaal nog geregeld moet worden voor de workshops actievoeren. Waar we anders gewoon onze acties dóen, zijn we voor dit publieksevenement afhankelijk van vergunningen en de havendienst doet nogal moeilijk. Moet ook nog een telefoontje plegen om een schippersmaat te regelen voor ons schip de Argus. Sta ik toch weer te bellen midden op het strand.

Einde dag: Lekker koken en een borrel!

Zondag

Nog een paar nieuwe knelpunten bedacht voor het evenement, ik kan het niet laten. Als ik iets organiseer dan blijf ik er mee bezig – maar dit is iets om maandag op te lossen. Had in mijn hoofd te gaan mountainbiken zodra ik weg kon. Maar eerst bel ik nog even met Just, een oud-collega met wie ik een paar jaar geleden actie heb gevoerd op de Noordzee. Wekenlang voeren we rond om met grote boeien een denkbeeldig zeereservaat af te bakenen, het was heel slecht weer. En de vissers waren ook toen behoorlijk boos. Dat schept een band. Tegenwoordig is Just een zeilmaat van me, samen hebben we een zeilbootje op Texel. Op feestjes noemen we het natuurlijk een jacht en dan voelen wij ons heel rijk. Just en ik hebben de gewoonte om vooral veel te praten over zeilen en het in verhouding vrij weinig te doen. Vandaag is het weer redelijk maar het waait totaal niet. Fietsen dus.

Maandag

Zelfs als het zo druk is als nu beginnen de werkdagen op de loods van Greenpeace altijd relaxed: om half tien met een kop koffie op een versleten bankstel. In de enorme hal liggen alle actiemiddelen van Greenpeace, van rubberboten, overlevingspakken tot lasapparatuur. In een enorme stellingkast ligt de windmolen die we ooit midden op zee hebben geplaatst om te laten zien hoe bespottelijk lang de vergunningprocedures zijn voor windmolenparken op zee. Ik begin deze ochtend op de zogeheten naaizolder. Ik heb twee nieuwe collega’s die nog niet weten hoe ze spandoeken moeten maken en dat is natuurlijk onhandig met een actie in het vooruitzicht. Ik ben inmiddels twintig jaar actief voor Greenpeace en al wordt dat gehannes met een naaimachine nooit mijn hobby, ik kan het wel.

In die twintig jaar is Greenpeace veel en veel professioneler geworden. Sommige ouwe rotten noemen dat negatief, maar ik zie dat niet zo. Ik vind dat we nog steeds mooie dingen neerzetten, zoals de actie bij sojaconcern Cargill in Amsterdam. Zeventig mensen, overal ter wereld vandaan, deden mee aan een blokkade van een vrachtschip vol soja. Dat groeit op akkers waarvoor akelig veel Amazoneoerwoud wordt gekapt. Na onze internationale campagne is een stop op de handel in oerbosverwoestende soja van kracht geworden!

Dinsdag

Ik begin op de loods, m’n bed klaarzetten voor de nacht. Vanavond komen de actievoerders al bij elkaar zodat we morgenochtend in alle vroegte kunnen vertrekken. Mijn vriendin is eraan gewend dat ik veel weg ben. Als ze maar weet waar ze aan toe is; zelfs al is het op het laatste moment per sms. Ze vermaakt zich ook zonder mij prima en daar ben ik wel blij om.

Dan naar kantoor voor overleg over het vervolg van de klimaatcampagne. We moeten immers goed vooruit denken hoe we onze middelen – lobby, publieksvoorlichting en actie – inzetten bij de internationale besprekingen voor Kopenhagen dit najaar. Dat wordt het moment waarop wereldleiders beslissen over een nieuw klimaatverdrag, dus de komende maanden moeten we extra duidelijk maken hoe belangrijk de aanpak van klimaatverandering is. Onze klimaatexperts geven ieder vanuit hun expertise achtergrondinformatie over oplossingen van de klimaatproblemen. Heel inspirerend om wat meer diepgang te krijgen. Het overleg is een eerste stap naar een campagneplan van internationale acties.

Ik spreek campagneleider Ike, een van de opvolgers van Diederik Samsom. Met hem heb ik heel wat acties gevoerd voor hij kamerlid werd. Zoals in Cherbourg, eind jaren negentig, waar radioactief afval met een grote onderwater-afvoerpijp de zee in gaat. We probeerden – vanaf rubberbootjes en met duikers – vaten met radioactief water te vullen voor onderzoek. Dat was niet makkelijk, met de sterke stroming, slecht weer. Een keer, toen we eindelijk wat vaten water hadden, is het ons met grof geweld afhandig gemaakt door de politie. Volgens hen zat er beslist geen radioactieve vervuiling in – maar het onderzoeksmateriaal waren we kwijt. De politie nam iedereen mee, alleen Diederik zat nog verstopt tussen de blokken van de zeewering – tot het gerinkel van zijn telefoon hem verraadde. Ik was het die hem vanaf zee belde, zonder te weten in wat voor penibele situatie ik hem bracht... We zaten daar een maand en gingen niet terug voor we uiteindelijk hadden wat we wilden: flinke publiciteit over de radioactieve lozingen.

Goed nieuws aan het eind van de dag: de vergunningen voor onze actieworkshops tijdens het evenement zijn rond!

Woensdag

Als de wekker om 6.00 uur gaat, ben ik nog ontzettend moe. Ik bedenk dat ik liever het klimaat snurkend had gered... Na een kop koffie rijd ik een uur later door de regen naar Den Haag. We willen een enorm bankbiljet aan de gevel van het ministerie van Financiën in Den Haag hangen, als symbool van de bijdrage die nodig is voor het klimaat. De jongens in de loods zijn afgelopen dagen druk geweest met het pimpen van een vrachtauto tot een nep-geldwagen en dat is heel mooi geworden. Ik ben een van de weinigen met het juiste rijbewijs voor deze wagen, iemand anders rijdt de oude brandweerwagen waarvan we de ladder gebruiken om het spandoek op te hangen. Ik hoef alleen te rijden en heb verder geen taken. In het centrum van Den Haag is altijd veel politie en met een beetje pech kennen ze me nog van een vorige keer. Ik parkeer snel de geldwagen en hou me daarna afzijdig. Een arrestatie kan ik deze week niet gebruiken.

Een half uur later hangt het spandoek aan de gevel. Knappe actie. Veel ambtenaren krijgen een flyer en onze eisen worden overgebracht aan de minister zelf. Ik hoop maar dat hij beseft dat er naast de kredietcrisis nog een crisis is. Namelijk het klimaat.

Donderdag 5 maart

Vandaag is het mijn werk om de Argus naar Amsterdam te varen vanuit haar vaste ligplek in Rotterdam. Ik krijg les van Hans, de vaste schipper. Heerlijk om weer iets nieuws te leren; de Argus is een stuk lastiger om te varen dan een rubberboot. Het is een oude patrouilleboot die we soms inzetten bij acties. We hebben pech bij een sluis onderweg, dus zijn pas laat over. Als we de Argus afmeren bij de kade van het pakhuis waar ons jubileumevenement plaatsvindt, liggen de andere Greenpeaceschepen er al: de Sirius, de Beluga en de Rainbow Warrior. Mijn collega’s hebben de hele dag gebouwd aan een steiger voor de klimworkshops, panelen met foto’s worden het zalencomplex in gesjouwd.

Ik voel deze week toch wel trots, dat een organisatie als Greenpeace dertig jaar bestaat. Dertig jaar inzet voor het milieu, maar ook dertig jaar leuke en slimme campagnes, die de wereld toch een beetje groener hebben gemaakt.

Zie ook het artikel over Greenpeace op de Achterpagina, pagina 36