Zwangere muizen bereiden kroost voor op ziekteverwekkers

Zwangere muizen die de dag doorbrengen met mannetjes die met parasieten besmet zijn, bereiden hun zoons en dochters al in de baarmoeder voor op die ziekteverwekkers. Het is een bijzonder voorbeeld van een gericht en gunstig ‘maternaal effect’, aldus Britse biologen (Proceedings of the Royal Society B, 22 maart).

Ervaringen van de moeder tijdens de zwangerschap hebben onmiskenbaar invloed op de kinderen. Vooral bekend is het effect van stress in de baarmoeder, veel onderzocht bij ratten en aapjes. Het kroost speelt bijvoorbeeld minder, is angstiger of krijgt aandachtsproblemen. Zulke effecten líjken puur negatief, maar misschien vormen ze ook een gerichte en voordelige aanpassing aan de – in dit geval boze – buitenwereld. Of zulke ‘adaptieve’ maternale effecten bestaan, is onderwerp van discussie.

Biologen van de University of Nottingham denken zo’n effect gevonden te hebben. Ze zetten zwangere muizen tien dagen lang in een kooi, naast vier mannetjes (niet de vaders) die besmet waren met een vrij onschuldige parasiet. De vrouwtjes konden de mannetjes zien en ruiken, maar niet aanraken. Ze konden evenmin zelf besmet raken – de parasiet in kwestie wordt door teken overgebracht en die waren er niet. Als controle dienden vrouwtjes die met niet-besmette mannetjes samenleefden.

De vrouwtjes raakten gestresst van hun gezelschap, bleek uit de hormoonspiegels in hun bloed. Het effect op hun nageslacht kwam aan het licht toen de jongen circa twee maanden oud waren. De zoons kregen huisvesting met enkele andere mannetjes, en bleken minder hun best te doen om een plek in de hiërarchie te veroveren. Aanvallen, elkaar bestijgen, aan elkaars vacht plukken: al het typische agressieve gedrag van elkaar beconcurrerende muizen was minder dan bij zonen van controlemoeders.

Na zeventig dagen werden zowel deze zoons als de dochters besmet met de parasiet waarmee hun moeders al hadden kennisgemaakt. Ze reageerden anders op die parasiet dan controlemuizen. De verschillen waren klein, maar het leek erop dat jongen van moeders die de parasiet kenden, drie tot vier dagen eerder van hun infectie af waren.

Volgens de onderzoekers is dit alles een zinnige aanpassing. Agressie geeft lichaamscontact, het kost energie en kan wonden veroorzaken. En muizen die snel beter zijn, hebben meer kans om te paren. Of het gedrag van de zoons en dochters het gevolg is van de moederlijke stress in het algemeen, of een specifieke reactie op deze ziektedreiging, weten de Britten niet.

Hester van Santen