Vibskovs jaar

Modeontwerper en drummer Vibskov werpt zich op babyspullen en Zeeuwse historie.

De modeavant-garde weet onderhand wel wie Henrik Vibskov is: een wat maffe modeontwerper die tijdens performance-achtige presentaties kleurrijke, grafisch gedessineerde mannenkleding showt. Ook in de kunstwereld duikt de Deen steeds vaker op met hilarische installaties en fans van de elektroband Trentemøller kennen hem als drummer die de afgelopen jaren speelde op alle grote festivals.

2009 wordt het jaar van Vibskov, wellicht ook voor een groter publiek. Hij heeft het ene project nog niet afgerond of zit alweer midden in het volgende. Zijn ontwerpen worden verkocht in vijfendertig landen. „Ik maak een sneeuwbaleffect mee, het wordt steeds groter en groter”, verzucht Vibskov in Parijs, enkele uren voor zijn mannenshow begint met de raadselachtige titel ‘The Human Laundry Service’.

Henrik Vibskov (1972, Kjellerup, Denemarken) studeerde mode aan de prestigieuze Central St. Martins College of Art and Design in Londen. Was mode zijn roeping? „Nee, ik had daar eerst helemaal niets mee. Het kwam door een meisje, zij deed St. Martins, ik volgde haar. Van mode had ik geen benul.”

Henrik Vibskov studeerde in 2001 af met een mannenshow waarin tassen in de vorm van levensgrote varkens de meeste aandacht trokken. „Ja varkens, gna gna!”, knort Vibskov. „Ik dacht, ik ben een van de tweehonderd studenten die afstuderen, dus ik moet meteen een eigen identiteit neerzetten.” In zijn geboorteland Denemarken – Vibskov groeide op in Jutland – kende iedereen hem meteen vanaf die eerste show, dankzij een tv-documentaire over zijn afstudeerproject aan de kunstacademie waar ook John Galliano, Alexander McQueen en Stella McCartney studeerden. „Ik ben toen extra mijn best gaan doen, ik wilde niet falen voor een heel land”, zegt Vibskov.

In een Parijse galerie in de Marais-wijk presenteerde Vibskov onlangs zijn tot nu toe meest commerciële project. Op verzoek van Quinny, een Nederlands bedrijf gespecialiseerd in wandelwagens en andere kinderartikelen, ontwierp hij achttien producten voor moeder en kind, waaronder een reiswieg, buggy en luiertas, maar ook paraplu’s en een regenponcho. Artikelen waarvan je niet direct verwacht dat een jonge ontwerper zich daar fanatiek op stort en maar liefst negen maanden aan werkt. „Ik ben al zo vaak benaderd om kledingcollecties te ontwerpen voor bekende kledingmerken, maar dat boeit me niet, te makkelijk, te veel een invuloefening.”

Quinny liet Vibskov vrij en hij deed wat hij ook altijd voor zijn mannencollecties doet: een absurd sprookje bedenken met elementen uit zijn leven. ‘The Forest’ speelt zich af in een door outcasts bevolkt bos die een band vormen, succesvol worden en dan wel geaccepteerd worden. Vertaald op zijn Vibskoviaans levert dit producten op met op regenbogen geïnspireerde Pucci-achtige dessins die de gebruikelijke pastelkleurige of met beertjes gedecoreerde babyartikelen hopeloos achterhaald maken. Voor baby’s is er onder andere een pakje in pinguïnmodel en een muzikale toystring van drumstokjes om tegen te meppen. Vibskov presenteerde zijn ontwerpen in een installatie van drumstokjes die een woud verbeelden.

Vibskovs talent om met weinig en goedkope middelen verrassende dingen te creëren is vanaf morgen te zien in het Zeeuws Museum in Middelburg. ‘The Fringe Project’ is een tentoonstelling met letterlijk franjes en rare randjes en bestaat uit tien multimediale projecten waaronder een fotoshoot, performance, videowerk en een autowasserette voor mensen. Vibskov werkte twee jaar met grafische ontwerper en oud-schoolgenoot Andreas Emenius aan de rafelige projecten waarvan er acht eerder werden getoond in andere landen.

Toen Vibskov werd gebeld door het museum dacht hij in eerste instantie dat de expositie plaatsvond in Nieuw-Zeeland. Inmiddels heeft hij de Nederlandse provincie bezocht, „net zo’n platte pannenkoek als de westkust van Denemarken”. Emenius en Vibskov verbaasden zich over de spullen die ze aantroffen in het archief van het regionale museum. Er bleek veel te liggen uit de tijd dat de Zeeuwen met hun zeilschepen handel dreven over de hele aarde. Vibskov: „Het leek wel of de mensen wilden opscheppen over waar ze allemaal waren geweest: ‘kijk eens wat we vonden in Afrika, kijk eens wat we hebben meegenomen uit Azië’.” Over wat er vanaf nu te zien zal zijn in het Zeeuws Museum wil hij nog niets zeggen. „Spooky stuff”, is alles wat hij loslaat. En dat het veel zal hebben van een kleine explosie. Tijdens de opening vandaag treedt het multitalent er zelf op met zijn band.

Quinny is verkrijgbaar in Amsterdam bij SPRMRKT en Coming Soon in Arnhem. www.quinnydesign.com. The Fringe Projects/Henrik Vibskov & Andreas Emenius loopt van 28 februari t/m 7 juni. www.zeeuwsmuseum.nl