'Leuke kerkjes'

Maarten van Rossem presenteert een nieuwe serie over Nederlandse cultuurlandschappen

Ja, Maarten van Rossem heeft overal verstand van. Televisiekijkers dachten hem al te kennen als veelgevraagd commentator bij politieke ontwikkelingen in de Verenigde Staten. Tot hij onlangs namens de Evangelische Omroep op de buis in gesprek ging met diepgelovige christenen. Inmiddels is de blik nog veel wijder geworden. Vanaf volgende week leidt de historicus de kijker langs voorbeelden van Nederlandse cultuurlandschappen. Dat wil zeggen geen natuurlandschappen, maar historische landschappen waarin de hand van de mens duidelijk valt herkennen.

De serie van zes afleveringen is bedacht door Jaap Dirkmaat, de man achter de actiegroep Das & Boom die menig bestuurder tot wanhoop dreef als weer eens een zeldzaam diertje een bouwproject had gefrustreerd. Inmiddels is Jaap Dirkmaat al weer enkele jaren doende met de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap. Deze club wil onder meer „eeuwenoude agrarische cultuurgeschiedenis zichtbaar houden”, aldus de doelstelling. De belangstelling voor dit type landschap neemt toe. Er zijn rapporten verschenen over de waarde van dit nationaal erfgoed en onlangs heeft zelfs een taskforce onder leiding van SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan het kabinet geadviseerd om met name de boeren als beheerders van het landschap te beschouwen en hen daarvoor ook te belonen.

Wat nog ontbrak is een televisieprogramma. Jaap Dirkmaat: „Het is wel bekend dat we dat agrarische cultuurlandschap willen beschermen. Maar wat dat precies inhoudt, is nauwelijks meer te zien. Mensen komen het nog maar zelden tegen, omdat er zo veel verloren is gegaan. Zo is er door de ruilverkaveling al vele kilometers aan plattelandswegen en kerkenpaden weggeploegd. Daarom hebben we dit bedacht.” Het viel nog niet mee om het zo ver te krijgen. „We hadden een uitzendgarantie van een omroep nodig om geld van het VSB-fonds los te kunnen peuteren. De AVRO gaf die uitzendgarantie. Later trok die omroep zich ineens terug met de mededeling dat men zich vooral wilde concentreren op kunst en cultuur in de engere zin van het woord. We zagen het toen even niet meer zitten. Maar de filmer, Manfred van Eyk, wilde per se doorzetten, en uiteindelijk was de NCRV graag bereid het uit te zenden.”

Het moet lastig zijn om over het cultuurlandschap een leerzaam doch niet saai programma te maken. Toch is dat wel gelukt, en dat is voor een groot deel toe te schrijven aan Van Rossem. Hij slentert zonder enige pretentie langs tuinwallen op Texel, om zich daar korzelig af te vragen waarom men hier vroeger niet gewoon slootjes of houten hekken heeft neergezet. Hij geeft het antwoord op een toon alsof het hem zelf ook weinig interesseert, maar goed, namelijk dat er op Texel geen water en ook nauwelijks hout te vinden was. En tuinwallen zijn ooit „een effectieve manier geweest om perceeltjes van elkaar te separeren”, weet hij te vertellen, maar zou het in deze tijd voor boeren toch niet veel handiger zijn om ze gewoon af te graven? Anderzijds vormen ze een „uniek landschap” en kun je alleen hier op een fraai pad tussen twee tuinwallen door wandelen en bedenken dat als je levensmoe bent, je hier kunt lopen tot je aan het einde daarvan in een afgrond stort. „Dan schijn je in de hemel terecht te komen.”

Wie niet van deze toon houdt, moet niet kijken. Maarten van Rossem nuttigt op het terras van „een attractief café” een jenever met een ijsje en laat zich informeren over wierden in Groningen en terpen in Friesland met een houding die weinig heeft van het blije enthousiasme dat educatieve programma’s weleens dwars zit. „Het ziet er een beetje nepperig uit”, verzucht hij over een bouwsel dat een indruk moet geven van hoe de in totaal zevenhonderd Friese terpen in de loop der tijden zijn afgegraven, tot aan het laatste stuk waarop meestal de kerk en de dodenakker was gesitueerd. Het uitzicht vanaf de terp is dan weer wel schitterend. En ook de „enorm leuke” kerkjes zelf zijn de moeite waard. „Je zou er haast godsdienstig van worden.”

Het gemopper is intussen wel functioneel, want daarmee lokt hij bij zijn ontmoetingen met kenners wel de drang uit om uit te leggen wat er zo bijzonder is aan al die grafheuvels die ooit in een kromme dekzandrug zijn aangelegd, of aan dat „greppelige landschap” dat de oeroude weg van Groningen naar Coevorden blijkt te zijn geweest. Wanneer Van Rossem aan het einde van de aflevering twee in het landschap van elzensingels is beland, spreekt hij een man die bij kennismaking de indruk wekt zijn lippen stijf op elkaar te willen houden, maar die hem vervolgens toch uitgebreid bijpraat over deze oude landbouwpercelen, soms maar enkele meters breed en kilometers lang, begrensd door elzen. „Als je al die percelen achter elkaar zou leggen, kom je van hier tot Teheran”, zegt de man. Zo leer je nog eens wat.

Op reis met Van Rossem. NCRV. vanaf 5 maart elke donderdag om 19.55 u op Nederland 2.