In Beeld

Hier valt een proefschrift op te baseren, in de geesteswetenschappen. De promovendus hoeft alleen maar een representatieve groep proefpersonen samen te stellen. Mannen, vrouwen, ja, waarom niet ook wat kinderen? Hamvraag: welk detail zag u als eerste? De vrouwen zeggen dan bijvoorbeeld, ‘significant vaak’: de man met de bezem. De mannen: het stuur. De kinderen: het rode dak. Keurig geturfde, fraaie bevindingen, waaraan de promovendus losjes – ‘dit behoeft nog nader onderzoek’ – conclusies van evolutionaire aard verbindt. De man met de bezem kan wijzen op een hang naar (herstel van) orde, het stuur op dominantie, het dak op behoefte aan veiligheid. Nou, het kan niet misgaan, hora est, hij is door.

Wat een, zo te zeggen, kakografisch beeld! Het is een verdienste dat het is gezien door de fotograaf, maar ontstaan is het dankzij het toeval. Dat wil zeggen: de zon. Door de val van het licht ontstaat er een spel van maskerades, van reflecties en optisch bedrog. In de auto zweeft een andere auto, op het dashboard het favoriete detail van de kinderen, nee, een heel huizenblok, met terrassen en al. In het midden van het stuur staat een man – duw op zijn borst en je toetert – en hoeveel spiegels tellen we wel niet? Vier, vijf. Door dak en voorruit van de auto groeit wat knus struweel, dit wrak lijkt jaren oud. Waar staat trouwens de man met het gele hes, daar pal boven de vier silhouetten? Voor of achter de auto?

Deze puzzel van schijn en werkelijkheid leent zich uitstekend voor een leerzame oefening in observatie. Opdracht: scheid die twee! In het verlengde daarvan de vraag: in welk land is de foto hoogstwaarschijnlijk genomen? Hoezo daar? De vlag, meester, de vlag! Tot slot maken we een op details gewijzigde kopie en spelen we zoek de verschillen.