Toch goede omzet voor veilinghuizen

Ondanks tegenvallende resultaten in het laatste kwartaal van 2008 hebben veilinghuizen Sotheby’s en Christie’s vorig jaar indrukwekkende omzetcijfers geboekt.

Samen verkochten de twee veilinghuizen het afgelopen jaar voor 10,4 miljard dollar aan kunst en antiek. Dat is slechts 16 procent minder dan in 2007, toen beide veilinghuizen met een gezamenlijke omzet van 12,5 miljard dollar verreweg het beste jaar uit hun bestaan beleefden.

Mocht Christie’s zich in 2007 nipt marktleider noemen, het afgelopen jaar boekte Sotheby’s met 5,3 miljard dollar ruim 200 miljoen dollar meer omzet dan de concurrent. Het merendeel van de omzet van beide huizen kwam uit veilingen, bijna 900 miljoen uit ‘private sales’, onderhandse verkopen.

Sotheby’s was het meest succesvol bij de verkoop van naoorlogse en hedendaagse kunst. Tot die categorie hoort ook het duurste kunstwerk van 2008, Francis Bacon’s Tryptych 1976, dat door Sotheby’s werd geveild voor ruim 86 miljoen dollar. Christie’s bleef marktleider bij de veilingen van impressionistische, modernistische en Aziatische kunst, en van sieraden en fotografie.

Christie’s verstrekte cijfers die een indicatie geven welke categorieën het meest crisisbestendig zijn. Het afgelopen jaar boekte het veilinghuis een omzetstijging bij Europese meubels (plus 2%), sieraden (plus 5%) en Aziatische kunst (plus 15%). Impressionistisch kunst, oude meesters en vooral naoorlogse en hedendaagse kunst (min 23%) bleken het gevoeligst voor de krimpende markt.

Christie’s heeft veertien veilingzalen in negen landen. Alleen in Hongkong en Dubai, waar in 2005 een vestiging werd geopend, nam de omzet vorig jaar toe. Nergens gingen de verkopen zo achteruit als in het kleine filiaal Amsterdam, waar met 69 miljoen dollar omzet een achteruitgang van 32 procent werd genoteerd.