Tandenborstel

De schoenborstel lijdt een kwijnend bestaan. Wat er ook geprobeerd wordt, schoenen poetsen wordt niet gezien als een levensverrijkende bezigheid. De handgreep is nog altijd van eenvoudig geschaafd, soms gelakt hout en de bruine of zwarte borstels staan rechttoe rechtaan in het hout verankerd.

Dat is anders bij het kleinere broertje van de schoenborstel, de tandenborstel. Daar worden kosten noch moeite gespaard om de ene na de andere vernieuwing te introduceren. Als je een tijdje niet meer in het schap hebt gekeken, herken je de borstels bijna niet meer. Elke keer moet je opnieuw goed kijken wat ook alweer je favoriete model was en welke daar nu nog het meest op lijkt. Het aardige van al deze veranderingen is dat de consument er nooit om heeft gevraagd, de borstel doet zijn werk en daarmee is de kous af.

Niet dus, de aanbieders van tandenborstels onderhouden hun eigen competitie, en elke deelnemer zet alles op alles om de gunsten van de consument voor zich te winnen. Een boeiend aspect van deze strijd is het feit dat de veranderingen vooral bepaald worden door nieuwe productiemogelijkheden.

Zo werd het een paar jaar geleden op grote schaal mogelijk om tegelijkertijd twee verschillende soorten plastic in één vormholte te gieten, het zogenaamde tweecomponenten spuitgieten. Transparante harde kunststof werd probleemloos gecombineerd met een zachte, flexibele plastic. Het uiterlijk van de borstel begon te veranderen. Tweecomponenten werd driecomponenten en de tandenborstel werd steeds extremer in zijn vormgeving.

De borstelkop is in dit vormgeweld niet achtergebleven. Eenvoudige, witte nylon haartjes die op ingenieuze wijze in de kop worden verankerd bleken ineens niet meer te voldoen. Opgejaagd door de ontwikkelingen in de wereld van elektrische tandenborstels moest de borstelkop van de handborstel grondig gerenoveerd worden.

Verlopende kleurcombinaties, haarlengteverschillen, frivole borstelpatronen én allerlei ingewikkelde borstelhoeken moeten het idee geven dat de borstel gaat doen wat eerder niet mogelijk was, het gebit eindeloos schoonhouden.

Joost Alferink