"Kloof tussen recht en burger groeit verder"

De kloof tussen rechter en burger zal verder groeien. Inhoudelijk zullen steeds minder mensen kunnen volgen waar het in het recht om gaat. De rechter moet daarom rechtstreeks contact met het publiek maken. Dat schrijft de cultuursocioloog Gabriel van den Brink hier, op pagina 29 in een analyse die hij al in november uitsprak bij

Gabriel van den Brink

Gabriel van den BrinkGabriel van den Brink

De kloof tussen rechter en burger zal verder groeien. Inhoudelijk zullen steeds minder mensen kunnen volgen waar het in het recht om gaat. De rechter moet daarom rechtstreeks contact met het publiek maken. Dat schrijft de cultuursocioloog Gabriel van den Brink hier, op pagina 29 in een analyse die hij al in november uitsprak bij de Raad voor de Rechtspraak. Hij beveelt rechters aan om voortaan persoonlijk hun vonnissen aan het publiek uit te leggen. Niet via een voorlichter of een anonieme collega, maar om zelf de confrontatie te zoeken. “Ook in de wijk waar de betrokkenen wonen of in de media.” Dat vergt volgens hem publieke moed. Maar anders kan de kloof niet worden overbrugd.

Ook adviseert hij het normatieve aspect van een uitspraak te verduidelijken. Nu zit dat vaak verstopt in technisch-juridisch jargon. Maak werk van het ‘achterliggende verhaal’ en laat zien welke normen, waarden en beginselen een rol hebben gespeeld, zegt Van den Brink. Bij de politierechter werkt dat. Waarom dan ook niet op andere niveaus?

Verder moeten rechters meer rekening houden met de manier waarop de publieke verbeelding werkt. Vrijwel niemand kent het strafrecht, maar velen hebben er wel een mening over. Die is vaak gebaseerd op televisie informatie. Hou er rekening mee dat juridische waarheidsvinding mijlenver afstaat van wat burgers in het dagelijks leven of via media als waarheid hanteren.

En tenslotte. Rechters zouden zich meer moeten verdiepen in de realiteiten van de burgers over wie zij oordelen. De sociale en maatschappelijke afstand tussen hen is te groot. (p. 39-41)

Van den Brink denkt niet dat er behoefte is aan een andere rolverdeling, bijvoorbeeld via lekenrechtspraak. Wel moet er recht worden gedaan aan de ‘ervaringswereld van burgers’. Een betere uitwisseling kan de geloofwaardigheid van de rechter versterken. Meer aandacht voor het slachtoffer kan bijvoorbeeld helpen. Een spreekrecht zoals nu, dat de rechter tot niets verplicht, is te weinig. Een betere communicatie over en weer is voldoende.

Interessant is ook de uitleg die Van den Brink geeft van de oorzaak van de uitdijende kloof (p. 25-32). Hij wijst er op dat onder de bevolking zelf ook een kloof groeit. Het vertrouwen in de rechter daalt veel harder bij lager opgeleide, ‘bedreigde’ burgers dan bij de groep burgers (‘bedrijvig’ of ‘berustend’) waaruit rechters zelf voortkomen.

Dat het recht steeds minder te begrijpen valt komt doordat specialisatie toeneemt. Vonnissen worden ingewikkelder. Er zijn vaker deskundigen nodig. De taal van het recht wordt ook moeilijker. Het tempo van veranderingen gaat omhoog. Advocaten kunnen vaak wetten en nieuwe jurisprudentie niet meer bijhouden. Rechtbankverslaggevers hebben moeite om een lang vonnis te vatten. Wie daarbij optelt dat er in Nederland 1.5 miljoen functioneel analfabeten zijn, begrijpt dat ‘publieke geloofwaardigheid’ van rechters een dringend probleem wordt. Meer contact dus en meer wisselwerking.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Niet anoniem.

Bekijk hier de website van Gabriel van den Brink. En lees hier een eerdere nrc blog over Van den Brink.