Record: drie nieuwe plannen op één dag

Na maanden passiviteit presenteerde ‘Brussel’ gisteren drie nieuwe plannen.

Of de lidstaten die gaan steunen, is maar de vraag.

De Europese Commissie, die zich volgens velen tot nu toe passief opstelde tijdens de economische crisis, begint weer initiatief te tonen.

Gisteren lanceerde zij op één dag drie plannen waarvan niemand weet of de EU-landen die zullen accepteren. Eén roept op om het toezicht op grensoverschrijdende banken en verzekeraars Europeser te regelen. Het tweede vertelt lidstaten wat ze wel en vooral níét mogen doen als ze de noodlijdende auto-industrie te hulp schieten. Het derde dient als richtsnoer voor regeringen die banken helpen of dwingen zich te ontdoen van bad assets.

Alle drie de onderwerpen zijn omstreden: 27 EU-lidstaten hebben er verschillende meningen over. Per onderwerp verschillen de ‘coalities’ van voor- en tegenstanders. Sommige landen probeerden van die onduidelijkheid te profiteren door de Commissie onder druk te zetten, om de voorstellen in hun richting te buigen.

Anders dan de afgelopen maanden, toen Commissie-voorzitter José Manuel Barroso vaak zei dat het „geen zin had om ons belachelijk te maken met publicatie van plannen als de lidstaten daar toch niets mee doen”, gaven de eurocommissarissen nu blijk van enig gezag en strijdlust. Zo zei Neelie Kroes (Mededinging) over het isoleren van bad assets bij banken: „Iedereen vroeg steeds: waar is de Commissie? Ook de ministers van Financiën. Nou, hier zijn we en geef ons niet de schuld omdat we hierover initiatief ontplooien.”

Kroes moet zorgen dat de Europese staatssteunregels, fundament van de interne markt, overeind blijven. Nu zes regeringen autofabrikanten willen helpen, heeft zij (met collega Verheugen) een lijst met do’s en don’ts gemaakt. Ze mogen geld steken in innovatieprojecten, training en milieuvriendelijke programma’s, zoals inruilpremies voor oude auto’s tegen een schoner model. Ze mogen níét, zoals Frankrijk wilde, fabrikanten dwingen productie of werkgelegenheid in eigen land voorrang te geven. „Niemand kan de regels van de vrije markt schenden”, waarschuwde zij.

Daarna introduceerde Barroso Jacques de Larosière, éminence grise uit de Franse en internationale bankwereld, die een rapport opstelde over toekomstig toezicht op grensoverschrijdende banken. De conclusie luidt dat nationale toezichthouders hun macht behouden – maar ze moeten een soort Europese toezichthouder boven zich krijgen bij de supervisie van ongeveer veertig internationale conglomeraten, die samen 70 procent van het Europese bankverkeer doen. Deze nieuwe instantie moet garanderen dat zij beter informatie uitwisselen en bemiddelt bij geschillen.

Ook dit onderwerp is politiek geladen. Politici voeren felle debatten over zeggenschap van ‘thuislanden’ en ‘gastlanden’ over de boedel van imploderende banken. Barroso zei dat Commissie en lidstaten snel over het voorstel moeten beslissen. Maar: hij prees De Larosière. Dat noemen ingewijden tekenend. „Sommige landen willen geen Europese supervisie”, zegt een hoge functionaris. „Anderen willen dat wel voor banken, maar niet voor verzekeraars. Of andersom. Tricky business. De ‘oude’ Barroso was, denk ik, niet verschenen.”

Daarmee kenschetst hij de Commissie-voorzitter die tijdens het Franse voorzitterschap vrijwel alles deed (of niet deed) wat de Franse president Sarkozy hem influisterde – en controverse systematisch uit de weg ging. Andere landen verweten hem dat hij te weinig ruggegraat had om Europese (hún) belangen te verdedigen. Barroso zou uit zijn op Franse steun voor zijn tweede termijn. Nu Tsjechië EU-voorzitter is en Sarkozy Barroso schoffeert, zou de Commissie weer een onafhankelijker koers varen. En doen waarvoor ze in het leven is geroepen: initiatief nemen.

Velen vinden het tijd dat de Commissie de rol van ‘onafhankelijk scheidsrechter’ weer oppakt en tussen grote landen springt die steeds erger ruziën over protectionisme, werkgelegenheid of het aantal nullen in elkaars herstelplan. Ook ontstaat er een race om leiderschap – G20, eurolanden – waarin kleinere landen nauwelijks meer gehoord worden.

Het derde plan van de Commissie zit ook in het oog van de storm. Spoedig blijkt welke banken de recessie overleven. Alleen door besmette activa op te ruimen, kunnen banken weer normaal functioneren. Duitsland en Frankrijk willen deze activa in een bad bank stoppen – óók die van gezonde banken. Anderen willen good banks oprichten, of garantiesystemen invoeren. Commissie-functionarissen verzekeren dat Berlijn en Londen „fenomenale” druk hebben uitgeoefend op Kroes en haar collega Almunia (Monetaire zaken), om opruimen van die activa voor alle banken verplicht te maken. Zij kregen hun zin niet.