Piraten stuiten op tegenstand

De multinationale actie tegen Somalische piraten heeft effect. De zeerovers vallen nog wel schepen aan, maar kapingen worden steeds vaker verijdeld.

Tot voor kort speelden de zeerovers uit de Hoorn van Afrika een prominente rol in het internationale nieuws. Inmiddels trekken de piraten veel minder aandacht. Ze ondervinden steeds sterkere tegenstand van buitenlandse marines.

Sinds 1 januari zijn vier schepen gekaapt in de Golf van Aden en de Indische Oceaan bij Somalië. Gaan ze in dit tempo verder, dan breken de piraten dit jaar bij lange na niet het record van 42 schepen dat zij vorig jaar overmeesterden in hun jacht op losgeld. Niet dat de piraten niet langer hun best doen: 24 pogingen tot kaping waagden zij dit jaar, vergeleken met 111 vorig jaar – een getal dat opnieuw haalbaar lijkt als ze in dit tempo doorgaan. Kortom, de Somalische piraten blijven het proberen, alleen slagen ze veel minder vaak.

De afname van het aantal succesvolle piratenacties valt samen met een toename van het aantal geslaagde interventies. Meer dan twintig fregatten doorkruisen nu de wateren bij Somalië, bijna allemaal uitgezonden nadat de piraterij eind vorig jaar uit de hand dreigde te lopen. De Amerikanen en de Duitsers, de Saoediërs en de Maleisiërs, de Indiërs en de Russen: ze hebben de afgelopen weken een reeks kapingen verijdeld en meer dan dertig piraten opgepakt. Gisteren nog sloeg een Deens fregat een aanval op een Chinees schip af – een aanval, die een paar maanden terug waarschijnlijk was geëindigd met een gegijzelde bemanning.

Steeds meer piraten wacht bovendien een proces, wat afschrikwekkend moet werken. De Russen hebben tien verdachten uitgeleverd aan Jemen, aan de overzijde van de Golf van Aden. In Nederland zitten vijf verdachten in voorarrest na een door de Deense marine afgeslagen aanval op een Nederlands vrachtschip, op 2 januari. „De kansen zijn gekeerd voor de piraten”, zo verklaarde vorige week de Amerikaanse viceadmiraal William Gortney.

De piraten hebben de enorme tegenkrachten zelf losgemaakt. Door de Saoedische oliemammoettanker Sirius Star en het Oekraïense wapenschip Faina te kapen, schudden de Somalische vrijbuiters eind vorig jaar de wereld wakker. De NAVO stuurde fregatten, de EU lanceerde zelfs haar eerste maritieme missie in haar bestaan. Gemeten naar vuurkracht en technologisch vernuft speelt zich voor de kusten van Somalië een volslagen ongelijke strijd af.

De Amerikaanse marine, die een speciale eenheid heeft opgezet om „robuuster” tegen de piraten op te treden, pakte deze maand negen mannen met mitrailleurs en een ladder op in een bootje dat was getraceerd door een onbemand vliegtuigje. De Amerikanen zetten zulke vliegtuigjes voorheen in voor raketaanvallen op terreurverdachten op Somalische bodem. De negen worden, samen met zeven eerder opgepakte collega’s, mogelijk berecht in Kenia. Kenia, waar de havenstad Mombasa ligt, heeft alle belang bij een stabiel Somalië.

Vrachtschepen nemen zelf ook steeds meer maatregelen om kapingen te voorkomen. Ze wapenen zich met geluidskanonnen en waterspuiten tegen piraten. Ze sluiten zich aan bij konvooien, die weer beschermd worden door de marineschepen in de regio. Met name westerse rederijen vinden wel dat hun regeringen, die economisch belang hebben bij een vrije doorvaart, nog meer moeten doen.

De vraag is wel wat er op de lange termijn gebeurt. Binnenkort verbeteren de weersomstandigheden, waardoor de piraten mogelijk actiever worden. En blijven de buitenlandse fregatten nog jaren bij Somalië? Neemt de buitenlandse inzet af, dan krijgen de piraten weer meer meer speelruimte. Somalië heeft sinds kort een nieuwe regering die voor stabiliteit moet zorgen, maar de afgelopen dagen vonden aan wal hevige gevechten plaats. De EU-missie bij Somalië, waar Nederland later dit jaar het commando van overneemt, blijft tot december ter plaatse.