Nederland worstelt met EU-gelden

EU-subsidies om regionale economieën te versterken, zijn ondeugdelijk besteed. Nederland moet mogelijk zo’n 200 miljoen euro terugbetalen aan Brussel.

„Dit was allemaal gribus”, zegt subsidiedeskundige Marjon Otten van de gemeente Nijmegen een paar keer, terwijl ze door enkele achterstandwijken van de stad rijdt. Vroeger durfde zij in dit deel van de stad ’s avonds niet te fietsen. Nu voelt ze zich hier veilig dankzij sjieke, blauw geverfde straatlantaarns.

Ook het industrieterrein in het Kanaalgebied lag er tot voor kort verpauperd bij. Nu zijn de wegen geasfalteerd en onttrekken pas opgezette muren schroot en puin aan het zicht. In de volkstuintjes tussen industriegebied en woonwijk tuinieren wel achttien nationaliteiten broederlijk naast elkaar. Otten wijst in de Oscar Carréstraat op een bord naast een sportcomplex dat wordt gerenoveerd: ‘Mede mogelijk gemaakt door subsidies uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling’.

Nijmegen ontving tussen 2000 en 2006 ruim 15 miljoen euro uit Brussel voor de ontwikkeling van het Kanaalgebied. Met co-financiering van gemeente en bedrijfsleven werd in totaal 45 miljoen euro gestoken in vijftig projecten om het werk- en woonklimaat te verbeteren. Al 385 nieuwe bedrijven vestigden zich in het gebied, goed voor 2.021 nieuwe arbeidsplaatsen. „Zonder EFRO hadden we deze investeringen onmogelijk in dit hoge tempo kunnen uitvoeren.”

Nederland en Europese subsidies – dat is een combinatie die vaak met complicaties gepaard gaat. Moest Nederland in het verleden meerdere keren gelden uit het Europees Sociaal Fonds (ESF) terugbetalen, nu dreigt hetzelfde met subsidies uit fondsen voor versterking van de regionale economie. Een deel van de EFRO-subsidies is in Nederland niet volgens de regels besteed, stelt de Europese Commissie. Dat staat in het nieuwste EU-trendrapport van de Algemene Rekenkamer.

De uitgaven worden onvoldoende gecontroleerd, de projecten voldoen niet aan de gestelde Europese voorwaarden en soms schiet de administratie gewoon tekort. Volgens de Rekenkamer kan Brussel een financiële correctie van 155 miljoen euro opleggen. Daar bovenop komt een bedrag van 48,2 miljoen aan dubbel gedeclareerde btw voor EU-projecten.

„Onze indruk is dat decentrale overheden erg veel aandacht hebben voor het opmaken van het beschikbare Europese geld, en minder voor de criteria en resultaten van projecten”, zegt Joost Aerts van de Rekenkamer. Mogelijk voelen gemeenten en provincies de noodzaak niet om de regels strikt na te leven. „Het Rijk draait toch op voor sancties vanuit Brussel.”

Het ministerie van Economische Zaken overlegt momenteel met de Commissie of (delen van) de gelden naar Brussel terug moeten. Het ministerie wil geen inzicht geven in de ‘onregelmatigheden’. „We willen de gesprekken met Brussel niet dwarsbomen”, zegt Hans van der Vlies van EZ.

Harry van Gerven van European and regional affairs consultants in Boxtel is wel bereid het meningsverschil tussen Brussel en Den Haag te illustreren. „Onregelmatigheid klinkt zo ernstig”, zegt hij. Van Gerven staat gemeenten bij met de dagelijkse uitvoering van Europees gefinancierde projecten. Vaak gaat het volgens hem om „onbenulligheden”, zoals data van declaraties. Bepaalde uitgaven die binnen gestelde termijn zijn begroot en uitgevoerd, maar die pas na afloop van zo’n termijn daadwerkelijk worden overgeboekt, bestempelt Brussel als onregelmatig. Dat geldt ook voor uitgaven die onder de verkeerde noemer staan geregistreerd.

Als Den Haag en Brussel er niet uitkomen bij de onderhandelingen, moet Nederland voor het einde van dit jaar het bedrag teruggeven. Zo ver zal het niet komen, denkt Van der Vlies van Economische Zaken: „Brussel is de beroerdste niet”. EZ hoopt op de ‘zachtheidsclausule’. „Als nieuwe projecten die wij als Nederland indienen wel voldoen aan de regels, kan Brussel alsnog zeggen: ‘Hou het geld maar’. Dat is het grappige.”

En laten die nieuwe projecten ook niet echt vlotten. Volgens de Rekenkamer dreigt Nederland subsidies voor de komende jaren mis te lopen, omdat tot nu toe nauwelijks aanvragen zijn ingediend. De Rekenkamer adviseert de oprichting van een speciaal agentschap dat de EFRO-projecten moet begeleiden.

Het kabinet heeft al laten weten niets te voelen voor zo’n apart orgaan. Met de nieuwe aanvragen komt het wel goed, zegt Van der Vlies van EZ: „Tot 1 september hebben we de tijd om met nieuwe projecten te komen.”