Initiatief nemen

Het lijkt erop dat De Europese Commissie weer gaat doen wat hoort te doen: Initiatief nemen.

Op internet zijn kinderen zich van geen kwaad bewust, zegt Liesbeth Hop, woordvoerder van Stichting Media Makkers, die zich richt op jongeren en media. Laatst nog sprak ze een verontruste moeder. Haar zoon was gebeld door de merchandise-afdeling van Ajax. Ze hadden een mooie aanbieding voor hem. Hoe dat toch kan, vroeg ze zich verontrust af – hoe weten ze dat mijn zoon Ajaxfan is? Hop: „Kinderen vullen gedachteloos gegevens in op websites. Daar wordt toch om gevráágd, zeggen ze. Nou, dan doe je dat.”

Ook de Europese Commissie signaleert privacy- en veiligheidsproblemen op internet. Ongeveer 42 miljoen mensen maken volgens de Commissie ‘regelmatig gebruik’ van netwerksites. Volgens Brussel is het probleem dat die sites gebruikers willen laten geloven dat ze onder vrienden zijn, terwijl in feite miljoenen mensen kunnen meelezen. De kans zou groot zijn ‘dat een gebruiker wordt bestookt met berichten of wordt benaderd door mensen die op seks uit zijn’.

In een poging deze websites voor jongeren onder de 18 jaar veiliger te maken, heeft de Commissie daarom samen met de netwerksites een akkoord opgesteld. Begin deze maand ondertekenden zeventien Europese netwerksites de overeenkomst waarin ze beloven hun sites veiliger te maken, waaronder Hyves, Facebook, Yahoo!Europe en Google/Youtube. De Commissie zegt te „monitoren” en „over een jaar op deze zaak terug te komen”. Maar veiliger worden, hoe gaan die sites dat aanpakken?

Hyves – met ruim 7 miljoen leden de grootste netwerksite van Nederland – heeft sinds 2005 een zogenaamde waarschuwingsknop, vertelt Hyvesoprichter Raymond Spanjar. Op de website wordt die knop de dit is niet ok-functie genoemd. Met een klik daarop is melding mogelijk van pestgedrag, van spam, porno of een nepprofiel. Na een aantal meldingen – Spanjar wil het exacte aantal geheimhouden in verband met misbruik – wordt het profiel op non-actief gesteld en beoordelen de medewerkers van de site of het inderdaad om een overtreding gaat en het profiel definitief verwijderd wordt. „Natuurlijk kan de pestkop opnieuw een profiel aanmaken, maar dan is hij al zijn vrienden en berichten kwijt. Dat riskeren mensen niet.”

De bedoeling is dat alle deelnemende sites vanaf april over zo’n vergelijkbare knop beschikken. Daarnaast is afgesproken dat voor jongeren onder de 18 jaar het online-profiel en de lijst met contacten straks alleen zichtbaar zijn voor ‘vrienden’, contacten die de gebruiker zelf heeft aangemaakt. Deze profielen mogen dan ook niet meer doorzoekbaar zijn voor andere gebruikers, om kwaadwillenden toegang tot gegevens te ontnemen. Ten slotte moet het voor een gebruiker transparanter worden met wie hij welke informatie deelt.

In hoeverre hebben deze afspraken zin? Sites beloven namelijk wel de gegevens van jongeren automatisch te zullen afschermen voor mensen buiten hun ‘vriendennetwerk’, de keuze om ze openbaar te maken blijft – en bij sommige sites is die optie nog aantrekkelijk ook: Hyves besloot vorig jaar dat mensen met een afgeschermd profiel óók niet bij andere gebruikers mogen gluren. Profielen van onbekenden bekijken kan alleen als de gebruiker ook zelf zijn gegevens aan iedereen blootgeeft.

Dwingen de netwerksites jongeren zo niet alsnog hun privacy op te geven? Nee, vindt Raymond Spanjar van Hyves. Dat bewijst de realiteit, zegt hij: „De meesten van onze gebruikers hebben een deel van hun gegevens voor onbekenden afgeschermd.”

Jawel, vindt David Riphagen, die aan de TU Delft afstudeerde met een scriptie over privacy op sociale netwerksites. „Natuurlijk, Hyves probeert zo openheid te stimuleren. Want hoe opener de site, hoe aantrekkelijker een netwerk is voor gebruikers, maar ook voor bijvoorbeeld marketeers. Maar ze moeten gebruikers juist de mogelijkheid geven te kiezen, en dat zonder consequenties.”

Riphagen juicht het EU-initiatief desondanks toe. Aan twee belangrijke gevaren die volgens hem aan het gebruik van netwerksites hangen, wordt nu gewerkt: stalkers en pestkoppen kunnen worden aangepakt en gebruikers krijgen meer inzicht in welke informatie ze eigenlijk met wie delen.

Liesbeth Hop van Media Makkers is ook blij met de initiatieven. Maar, denkt ze, de voornemens dragen vooral bij aan bescherming van de privacy. „Cyberpesten [online pesten] is een net zo groot, zo niet groter probleem. Het is anoniem, je kunt er geen afstand van nemen, en het dringt tot in je slaapkamer door. Bovendien kijkt de hele klas mee. Je bent nergens meer veilig”, weet Hop. Zij pleit voor meer voorlichting. „Het is maar de vraag of netwerksites de verantwoordelijkheid moeten dragen. Bovendien pak je met deze maatregelen cyberpesten niet aan. Een pestkop kan net zo goed die misbruikknop indrukken.”

De Europese Commissie opende een site met tips voor slachtoffers van internetpesten: keepcontrol.eu