Vliegangst? Lees dit dan niet

Door de grotere vliegtuigen worden de vluchten langer en vliegen meer ongezonde mensen mee.

Dit betekent een keur aan gezondheidsbedreigingen.

Vluchten die zonder tussenlanding langer dan acht uur duren, hebben voor de passagiers een hoger gezondheidsrisico dan korte vluchten. Dat schrijven twee Amerikaanse artsen voor spoedeisende hulp in een veelomvattend overzichtsartikel dat afgelopen zaterdag in het Britse medisch-wetenschappelijke tijdschrift The Lancet stond.

Mensen met vliegangst kunnen dit complete overzicht van gezondheidsbedreigingen beter ongelezen laten. De mogelijke medische problemen tijdens en na de vlucht variëren van droge ogen, een loopneus, oorpijn, de jet lag tot een trombosebeen en mensen die onderweg een psychose krijgen. Als de buiten zinnen geraakte reiziger in dat laatste geval geen kalmeringsmiddel wil slikken, raden de twee dokters in The Lancet aan, organiseer dan vier of vijf medereizigers en overmeester de patiënt. Druk hem tegen de grond en houd hem in bedwang in een stabiele zijligging.

Zo’n gebeurtenis is zeldzaam. Het grootste gevaar in een vliegtuig is de verlaagde luchtdruk in de cabine, voor mensen die door een chronische ziekte minder goed zuurstof opnemen. Verkeersvliegtuigen vliegen doorgaans op hoogten rond de tien kilometer. In de ijle lucht die daar heerst, overleeft een mens niet lang. Vliegtuigen houden met pompen een cabinedruk in stand die overeenkomt met hoogtes op een berg van 1.500 tot 2.400 meter. Een cabinedruk zoals op 2.400 meter hoogte is gebruikelijk, want hoe kleiner het drukverschil tussen binnen en buiten, hoe minder de drukcabine van het vliegtuig wordt belast en hoe goedkoper de exploitatie.

Maar bij passagiers met slechte longen en bloedsomloop kan de partiële zuurstofspanning bij die ‘hoogte’ in het bloed dalen tot net boven de 50 mm kwikdruk. Het gaat om mensen met de longziekte COPD, of met een slecht pompend hart (hartfalen) die ‘op de grond’ ook al snel buiten adem raken. Willen deze patiënten toch vliegen, dan hebben ze aan boord zuurstof nodig. In de Verenigde Staten werd vorig jaar een wet van kracht die vliegtuigmaatschappijen verplicht om daarvoor een voorziening aan boord te hebben.

Er zijn meer mensen die last kunnen hebben van de luchtdruk aan boord. De luchtdruk die langzaam daalt als het vliegtuig opstijgt, zorgt ervoor dat geïsoleerde luchtbelletjes in een mensenlichaam uitzetten. Gezonde passagiers merken dat soms door akelige oorpijn (als de buis van Eustachius tussen oor en keel verstopt zit) of wat darmkrampen. Maar er zijn, schrijven de auteurs van het overzichtsartikel, „veel anekdotische verslagen van darmscheuringen en openbarstende wonden.”

Luchtvaartmaatschappijen mogen passagiers aan de gate weigeren. Mensen die mee willen, moeten bijvoorbeeld vijftig meter zelf kunnen lopen en ook één trap op kunnen lopen. Zwangeren mogen na de 36ste week van de zwangerschap niet meer mee. In principe mogen mensen niet mee als het ‘onwaarschijnlijk is dat ze de vlucht overleven’.

Een ander dreigend gevaar is het bloedstolsel in een ader (veneuze trombose) dat één op de 4.656 passagiers op lange vluchten treft. Een losschietend stolseltje kan een dodelijke longembolie veroorzaken. Die gevaarlijke aderafsluitingen kunnen nog veertien dagen later aan het licht komen.

Gevaren op langere termijn zijn de kankers die ontstaan door de hogere dosis radioactieve straling uit de kosmos. De atmosfeer houdt die kerndeeltjes goed tegen, maar op tien kilometer hoogte ontbreekt de bescherming grotendeels. Sinds 1991 is die kosmische straling een beroepsrisico voor vliegtuigbemanningen. Maar passagiers vliegen eigenlijk nooit zo vaak dat ze hun eventuele kanker kunnen toeschrijven aan veelvuldig vliegen.

Veel passagiers klagen na een lange vlucht over hoofdpijn, droge ogen en luchtwegen, over oorpijn en een opkomende verkoudheid. Er zijn uitbarstingen van influenza, SARS, tuberculose, mazelen, voedselvergiftiging, virale darmontstekingen en zelfs van de pokken (toen die nog niet uitgeroeid waren) onder passagiers op dezelfde vlucht gedocumenteerd. Maar meestal hebben luchtreizigers een gewone verkoudheid die na een vlucht losbarst, toch elders opgelopen. Dat blijkt uit virusanalyses van verkouden mensen die op één vlucht zaten. Die virussen waren genetisch zo verschillend dat ze nooit binnen één vlucht konden zijn doorgegeven.

Een aparte paragraaf schrijven de twee auteurs voor hun collega-doktoren. Wat te doen als tijdens een vlucht naar vakantie of medisch congres een medepassagier onwel wordt? Amerikaanse, Canadese en zelfs Britse wetten verplichten de dokter niet om hulp te verlenen. Australische en veel Europese en Aziatische wetten schrijven dat wel voor. Bepalend is het land waar het vliegtuig is geregistreerd, behalve als het in een ander land aan de grond staat. Maar het gebruik is om als een goede Samaritaan wel hulp te verlenen. „Er is nog nooit een arts aangeklaagd na het verlenen van deze medische hulp”, schrijven de Amerikaanse eerstehulpartsen in The Lancet. Er is zelfs een Amerikaanse wet uit 1998 die vrijwillig optredende artsen vrijwaart van aansprakelijkheid. Als ze redelijke zorg geven en geen beloning accepteren. „Een gift, zoals een upgrade naar de businessclass of een borrel, geldt daarbij niet als beloning.”