Geweld tegen Hongaarse Roma

Hongarije gaat extra politie stationeren op het platteland om racistisch geweld tegen etnische minderheden aan te pakken. Dat heeft de Hongaarse minister van Justitie gisteren gezegd. Tegelijkertijd erkende hij dat de Hongaarse politie op dit moment niet in staat is om moordzaken tegen Roma in zijn land op te lossen.

„Wij slagen er niet in om de plegers van deze misdaden op te sporen”, aldus minister Tibor Draskovics tegenover het parlement gisteren. „Terwijl we gemiddeld in 95 procent van alle moordzaken de dader(s) weten te pakken. De echte verandering moet dan ook van onszelf [de Hongaren, red.] komen. De strijd tegen haat is geen politietaak.”

De maatregel van Draskovics volgt op de moord van een vijfjarige Romajongen en zijn vader afgelopen maandag. De twee werden bij een aanval op hun huis in het dorpje Tatarszentgyörgy, ten zuidoosten van Boedapest, doodgeschoten. Twee andere kinderen raakten gewond nadat er brand uitbrak in de woning.

Over de toedracht van die aanval hebben de autoriteiten nog niets gezegd. Maar volgens sommigen houdt die verband met toenemend (racistisch) geweld tegen etnische minderheden. Roma vormen in Hongarije de grootste minderheid (5 tot 7 procent van de 10 miljoen inwoners). In 2008 werden zeven Roma gedood bij aanvallen op hun huizen.

Recessie en groeiende werkloosheid zouden de anti-Roma sentimenten doen toenemen.

In Straatsburg publiceerde de Raad van Europa gisteren een kritisch rapport over de situatie van minderheden in Hongarije (en Roemenië). De Raad sprak van een „alarmerende ontwikkeling” en een „nieuwe opleving van racisme en antisemitisme in het publieke debat”. Hij wil dat Hongarije direct stappen neemt om het geweld te beëindigen.

Draskovics wil voor het einde van het jaar de politiemacht hebben uitgebreid. (Reuters, AFP)