Geen politici in Irak-commissie

De commissie-Davids, die de Nederlandse rol in de Irak-oorlog gaat onderzoeken, bestaat uit deskundigen en niet uit (ex-)politici. Voorzitter Willibrord Davids, die de commissie vanochtend presenteerde, heeft daar bewust van afgezien.

De commissie, die de besluitvorming om in 2003 politieke steun te geven aan de Amerikaans-Britse inval in Irak moet onderzoeken, bestaat, behalve Davids (oud-president van de Hoge Raad) uit zes leden en een secretaris. In de commissie zitten geen Ministers van Staat, zoals premier Balkenende eerder wel had gesuggereerd. In een brief aan de Tweede Kamer schreef Balkenende begin deze maand dat er „bij voorkeur” enkele Ministers van Staat in de commissie plaats zouden kunnen nemen: „Hiermee is deze commissie verzekerd van ruime bestuurlijke en politieke ervaring en van ruime ervaring met vraagstukken van internationale betrekkingen en internationaal recht”, aldus de premier destijds.

Davids zei vanmorgen dat hij met verschillende Ministers van Staat had gesproken en met hen tot de conclusie was gekomen dat zij „niet de juiste personen waren en functies hadden om die rol te gaan vervullen”. Hij wees erop dat zij allemaal een politieke achtergrond hebben en dat daarom hun commissielidmaatschap „minder gunstig” is: „Voor onderzoekers zijn Ministers van Staat niet geequipeerd”, aldus Davids. „Waarheid is niet afhankelijk van politieke achtergrond.”

Bij de presentatie van de commissie zei hij geen „garantie” te kunnen geven dat de commissie alles boven tafel zal krijgen. „Die heeft geen enkele onderzoeker.”

Vervolg Davids: pagina 3

Burgers kunnen zich via site tot commissie-Davids wenden

Wel heeft Davids de hoop dat juist omdat de commissie in de beslotenheid zal opereren, en niet zoals een parlementaire enquêtecommissie in de openbaarheid zal werken, dit het onderzoek ten goede zal komen. Desgevraagd sloot hij overigens niet uit dat de commissie in „specifieke gevallen” toch voor de openbaarheid zal kiezen.

Om personen de gelegenheid te geven zichzelf tot de commissie te wenden of informatie te verstrekken, zal een speciale website worden opengesteld om contact op te kunnen nemen met de commissie. Ook kunnen personen zich per post tot de commissie richten.

Of er na het rapport van zijn commissie nog een parlementaire enquête moet volgen, is een zaak van de Kamer, zei Davids.

Hij kon niet garanderen dat zijn commissie klaar zal zijn op 1 november, zoals premier Balkenende de Tweede Kamer heeft toegezegd. Davids wees er op dat de hoeveelheid materiaal nu reeds „enorm” is en er nog veel bij zal komen. De commissie krijgt de beschikking over alle notulen van de ministerraad. Davids heeft er vertrouwen in dat de inlichtingen- en veiligheidsdiensten ook volledige medewerking zullen verlenen. Begin februari stemde een Kamermeerderheid in met de instelling van de commissie-Davids. Die gaat in het algemeen de voorbereiding en de politieke steun van Nederland aan de Irak-inval onderzoeken. Specifiek onderzoekt de commissie aspecten van volkenrechtelijke aard, aspecten van inlichtingen- en informatievoorziening en vermeende militaire betrokkenheid.

Een groot deel van de oppositie heeft moeite met de commissie-Davids, omdat het kabinet tot het uitkomen van de conclusies, over negen maanden, geen vragen over ‘Irak’ zal beantwoorden.

Premier Balkenende heeft een onderzoek naar de Irak-oorlog lange tijd tegengehouden. Volgens hem was de afweging helder: Nederland gaf politieke steun omdat Irak een aantal VN-resoluties niet nakwam.

Eerdere berichtgeving: nrc.nl/irak