Ga niet verder dan de buitenste poort

Arnon Grunberg wil dokter Mujid ontmoeten. Deel 5 van een serie.

Dokter Mujid is directeur van het mortuarium in Bagdad. Een vriendin die Bagdad goed kent heeft mij geadviseerd om dokter Mujid te ontmoeten. Er schijnen nog altijd ongeïdentificeerde lijken in zijn mortuarium te liggen.

Ik neem contact met hem op via e-mail en zijn vrouw schrijft terug: „Bel mij maar, mijn man is niet zo’n goede telefoneerder. En het internet doet het niet altijd.”

Ik bel Maysan. Haar Engels klinkt Brits en is vrijwel vlekkeloos.

„Kun je bij ons thuiskomen?”, vraagt ze.

Het klinkt alsof ze vraagt: mag dat van je moeder?

„Als het voor jullie geen probleem is”, zeg ik, „dan voor mij ook niet.”

Ik heb contact gezocht met Irakezen die mij lieten weten alleen via e-mail met mij te willen praten. Ze wilden niet met een buitenlander worden gezien, uit angst voor verrader te worden aangezien.

Maysan en ik spreken af op zaterdagmiddag om drie uur in het Ar-Rashid hotel, het enige echte hotel in de Groene Zone.

Als ik haar bel vanuit de lobby zegt ze: „Ik probeer je al vanaf twaalf uur te bellen.”

Telefoneren kan een probleem zijn in Bagdad, vanwege de ECM (Electronic Counter Measures.) ECM houdt in dat het signaal van de mobiele telefonie wordt gestoord. Mobieltjes worden nogal eens gebruikt om bommen te laten ontploffen.

„Het is beter als je met mijn man meerijdt”, zegt Maysan. „Je zult wel zien waarom.”

„Geen probleem”, antwoord ik.

„Maar hij is nog even aan het opereren. Hij belt je zo.”

De directeur van het mortuarium is ook chirurg.

Ik wacht nog even in de lobby waar sjeiks discreet Amerikaanse officieren ontmoeten in gezelschap van charmante vertaalsters.

Na een halfuur belt Maysan. „Ga naar buiten”, zegt ze. „Mijn man is klaar met opereren.”

Ik ga naar buiten. Een Italiaanse delegatie is gearriveerd. Politici of diplomaten. Ze gaan met zijn allen op de foto.

Weer een halfuur gaat voorbij.

Ik bel Dr. Mujid.

„Ga naar de buitenste poort”, zegt hij.

Langs de Peruaanse wachters van Triple Canopy, een beveiligingsbedrijf, verlaat ik voor het eerst lopend de Groene Zone. Samen met Irakezen die in dit gedeelte van de stad werken en elders wonen.

Een pad van ongeveer vierhonderd meter lang is van beide kanten afgescheiden door hoge betonblokken. Op een gegeven moment is omkeren niet meer mogelijk.

„Ga niet verder dan de buitenste poort”, had dokter Mujid gezegd.