De bodemloze put van AIG

Alsof de Amerikaanse minister van Financiën, Tim Geithner, niet genoeg aan zijn hoofd heeft om zich zorgen over te maken. Maar nu komt American International Group (AIG) daar ook nog eens bij. De kwakkelende verzekeraar heeft maandag gezegd te zullen blijven „samenwerken met de Amerikaanse regering om eventuele nieuwe alternatieven te evalueren”. Helaas is Geithner al op de hoogte van het meest waarschijnlijke, niet zo nieuwe, scenario.

De onderneming zal naar verwachting een enorm kwartaalverlies rapporteren van 60 miljard dollar (47 miljard euro), aldus CNBC, na afschrijvingen op commercieel vastgoed. Dat is een probleem voor de Amerikaanse regering, die een belang van 79,9 procent in aandelen heeft in AIG en via een tweeledige reddingsoperatie 150 miljard dollar in het bedrijf heeft gestoken. AIG zou uit zijn op een nieuwe overeenkomst, die vermoedelijk tientallen miljarden méér aan overheidsgeld zou moeten omvatten.

De indruk kan worden gewekt dat dit neerkomt op een poging een bodemloze put te dempen. De belastingbetalers zullen waarschijnlijk niet al hun geld van eerdere kapitaalinjecties terugzien, om maar te zwijgen van mogelijk nieuw kapitaal. Het omzetten van schulden in aandelen, zoals de bedoeling zou zijn, kan AIG wat tijd opleveren, maar zou verder weinig om het lijf hebben als het gaat om het verbeteren van de rendementen voor de belastingbetalers.

De vraag of de overheid wel waarde voor haar geld zou krijgen, dook in september vorig jaar voor het eerst op. Geithner, toen nog de voorzitter van de New York Federal Reserve (de centrale bank van de staat New York), speelde een centrale rol in het besluit om AIG overeind te houden. Hij vreesde dat een bankroet van deze sleutelpartij op de markten voor credit default swaps (soort kredietverzekeringen) de toch al traumatische gebeurtenissen na de ondergang van zakenbank Lehman Brothers alleen nog maar zou verergeren.

Het doel was destijds om AIG en zijn tegenspelers een groot deel van hun kwetsbaarheid voor credit default swaps te laten afwikkelen. Maar de enorme onrust op de markten, om maar te zwijgen van de verraderlijke stromingen na de verkiezingen in Washington, maken het moeilijk te geloven dat er genoeg vooruitgang is geboekt om AIG te laten vallen zonder het risico te lopen dat een toch al verschrikkelijke situatie op de financiële markten nóg erger wordt.

Als dat zo is, rest Geithner slechts één onaantrekkelijke optie: het storten van nog meer geld in de bodemloze put van AIG. Dat zou op veel manieren een slecht idee zijn – het is een waardeloze belegging, het gaat om een reddingsoperatie die normaal gesproken alleen voor banken wordt uitgevoerd en het is een slecht voorbeeld voor andere in nood verkerende ondernemingen. Maar zolang AIG te groot wordt gevonden om te mogen omvallen, zal de regering het bedrijf overeind moeten houden, ongeacht de kosten.