Black-out op het toneel

Ten prooi aan plankenkoorts sta ik achter een groen geschilderd wandje, in een theater in Dronten. In de zaal wordt gepraat en gelachen. Ik adem te snel en te te hoog en ben daardoor licht in het hoofd. Een vreemd, onwerkelijk gevoel.

Plotseling is het stil en sta ik op het toneel. Lange ingewikkelde zinnen komen in razend tempo uit mijn mond. Vanzelf. Hoe kan dat? En wat doe ik hier eigenlijk? Prompt valt er een verkeerd woord uit mijn mond. Verklappen zeg ik, terwijl ik verklikken moet zeggen. Mijn drie medespelers kijken me welwillend aan.

Niks aan de hand, knikken ze me toe. Maar ineens weet ik heel zeker dat wat we hier proberen te doen helemaal niet kán. Ik zie de tachtig bladzijden tekst voor me die nog gaan komen. Als een telexmachine op drift, ratelen driehonderd zinnen door mijn hoofd.

En dan gaan het fout. Alles wordt donker en traag. Een black-out.

Ik voel hoe ik opstijg, boven het toneel hang en kijk naar vier mensen die een toneelstukje opvoeren.

Hoger zweef ik. Net als in Google Earth zie ik de polder waar doorheen ik hier naartoe ben komen rijden. Eindeloze velden omzoomd door bladerloze bomen. En als ik nog hoger ben, zie ik een aardbolletje, met een schouwburgje erop, een toneeltje en daarop een eenzaam, zwijgend, nietig mensje.

Het moment lijkt eindeloos te duren, maar in werkelijkheid is het slechts een seconde of vijf stil op het toneel. Dan ga ik hakkelend verder en de rest van de voorstelling ben ik in het hier en nu, op aarde.

Als ik na het applaus naar huis rij, denk ik na over toneelspelen.

Over de indrukwekkende, ontroerende speech die Obama vorig jaar hield, nadat hij de verkiezingen had gewonnen. Na twee jaar intensief campagne voeren, op het moment suprême, als alle ogen op je gericht zijn, zo beheerst je verhaal houden. Verbazingwekkend.

Je voelde hoe de emotie hem letterlijk tot aan de lippen stond, maar hij stroomde niet over. Die speech had veel met acteren te maken.

En in de donkere polder vraag ik me af of Obama ooit een black-out heeft gehad. Zichzelf ooit heeft zien staan. Een eenzaam mannetje, in een wit huisje op een klein, heel klein wereldbolletje

Roos Ouwehand