Sterker medicijn na zoeken op web

Kankerpatiënten die zelf informatie inwinnen over behandelmogelijkheden, ondergaan modernere en agressievere behandelingen. Dat blijkt uit Amerikaans onderzoek onder darmkankerpatiënten dat gisteren is gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Cancer.

De internetstruiners en second-opinionzoekers kregen drie keer zo vaak een behandeling met de moderne biotechnologische medicijnen bevacizumab (merknaam Avastin) of cetuximab (Erbitux).

Beide medicijnen zijn monoklonale antilichamen die moleculaire groeiprocessen blokkeren. Het zijn palliatieve medicijnen die niet genezen. Ze verlengen het leven met een paar maanden.

In Nederland mag Avastin worden gebruikt bij de eerste chemotherapie voor patiënten die uitzaaiingen hebben in de rest van hun lichaam – meestal de lever. Erbitux is geregistreerd voor een darmkanker die niet goed reageerde op de eerste chemotherapie.

In het Amerikaanse onderzoek kregen sommige patiënten zelfs al Avastin of Erbitux bij een genezende behandeling, als geen uitzaaiingen te zien waren.

De onderzoekers gebruikten gegevens uit 2005. Toen waren beide middelen nog niet zo lang op de markt. Darmkankerpatiënten die nu op internet zoeken, stuiten snel op het nieuws over het gecombineerd gebruik van Avastin en Erbitux in één chemotherapie.

En dat is dan schrikken, want patiënten die in één chemotherapie beide middelen kregen, leefden een maand korter dan mensen die alleen bevacizumab met traditionele chemotherapie combineerden. En ze leden ook nog onder meer bijwerkingen. Het Nederlands onderzoek onder ruim 750 patiënten is begin deze maand gepubliceerd in The New England Journal of Medicine. Het ontkrachtte de eerdere positieve uitkomsten uit een kleiner onderzoek met 40 patiënten. De achterhaalde resultaten ervan staan nog op internet en kunnen valse hoop geven.