Sociale partners willen geen toezeggingen doen

Het kabinet vindt een sociaal akkoord belangrijk. Vooral de bonden willen hun huid duur verkopen. Lagere uitkeringen zijn voor hen onacceptabel.

Piet Hein Donner moet geduld hebben. Een nieuw ‘Akkoord van Wassenaar’, dat jaren van loonmatiging inluidde, zit er nog niet in. Even had de minister van Sociale Zaken (CDA) gehoopt er gisteren uit te komen in de ‘crisiswerkgroep’, die hij met de werkgevers en vakbonden heeft gevormd. Maar Donners voorstellen om de werkloosheid te bestrijden en de lonen te bevriezen krijgen niet het fiat van de sociale partners. Vooral de vakbeweging wil haar huid duur verkopen.

Dus besloot minister Donner vandaag de regeling voor werktijdverkorting, die tot 1 maart had zullen duren, in ieder geval nog een maand te verlengen – in sobere vorm, voor bedrijven die in acute nood verkeren. De minister voelt niet voor een Alleingang, waarbij hij in zijn eentje een pakket arbeidsmarktmaatregelen aan de Kamer presenteert om de snel stijgende werkloosheid te bestrijden.

Donner wil een breed akkoord bereiken, net als de vakbeweging en de werkgevers. De minister is er veel aan gelegen om in ruil voor allerlei maatregelen die de werkloosheid verminderen, ook afspraken met de sociale partners te maken over drastische loonmatiging, of zelfs de nullijn. Het Centraal Planbureau gaat al uit van een inflatie van 1 procent voor dit jaar. „Loonstijgingen zullen daar dus wel onder moeten zitten willen ze effect hebben”, zegt minister Donner desgevraagd. „Als het lukt om de inflatie op nul te houden en de lonen, hoeft niemand er op achteruit te gaan. Ook de gepensioneerden niet.”

Maar naarmate de crisis vordert en de financiële tekorten van de overheid stijgen, wordt het pakket maatregelen voor een sociaal akkoord steeds breder. Want niet alleen hangt aan Donners pakket arbeidsmarktmaatregelen om de werkloosheid op te vangen – via deeltijd-WW en omscholing – een prijskaartje. Want wie gaat de omscholing betalen van overtollige werknemers die een nieuwe baan zoeken? Voor extra geld hoeft volgens Donner momenteel niemand bij het kabinet aan te kloppen. De vakbeweging vreest ook dat het kabinet wil gaan bezuinigen op de sociale zekerheid, zoals de uitkeringen bij werkloosheid en arbeidsongeschiktheid.

„Daar zullen wij frontaal tegenin gaan”, zegt Leo Hartveld, bestuurder van de grootste vakcentrale FNV. De sociale zekerheid is in 2006 al aan bod geweest, stelt hij. Werklozen kunnen minder snel een uitkering krijgen, en voor een kortere periode. Daarnaast is verhoging van de AOW-leeftijd van 65 naar 67 jaar een open zenuw bij de vakbeweging. Dit voorstel ligt bij het kabinet eveneens op tafel om de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op lange termijn te garanderen.

De vakbeweging vindt dat eerst de participatie van de groep werkenden tussen 55 en 65 jaar oud flink verhoogd moet worden. Het kabinet hecht eraan bij de komende onderhandelingen over aanpassing van de begroting, die volgende week beginnen, juist maatregelen te treffen om de stabiliteit van de overheidsfinanciën op lange termijn te garanderen.

In het licht van deze onderhandelingen voelen de sociale partners er weinig voor om nu al met minister Donner tot afspraken te komen over loonmatiging en überhaupt over de arbeidsmarkt. Tot vrijdag 13 maart, de dag waarop het kabinet zijn crisispakket presenteert, houden de sociale partners hun kruit droog. Ook de werkgevers willen nu niet alle onderhandelingsruimte verspelen. Hun is er veel aan gelegen de lonen zo laag mogelijk te houden, en liefst op de nullijn. Al ze dit bij de vakbeweging voor elkaar krijgen, zijn zij bereid van het optrekken van de AOW naar 67 jaar geen halszaak maken, liet Bernard Wientjes, voorzitter van de grootste werkgeversorganisatie VNO-NCW, eerder weten. Daarnaast wachten de sociale partners met spanning af wat het kabinet gaat doen om de economische motor op gang te houden.

Zodra het kabinet de begrotingsregels verruimt en de bezuinigingen niet te draconisch zijn, zullen de sociale partners een eerste stap zetten. Vooralsnog is één ding duidelijk. Geen van de betrokkenen voelt ervoor dat Nederland behalve in een economische crisis ook nog in een sociale crisis verzeild raakt.