Mishandeling legt stressgen in brein stil

Wie als kind mishandeld of seksueel misbruikt is, reageert de rest van zijn leven vaak hevig op stress. Canadese onderzoekers van McGill University in Montreal hebben nu een biologische basis voor dat effect gevonden.

Bij slachtoffers van mishandeling blijkt in de hersenen een gen geblokkeerd dat een belangrijke rol speelt in de reactie op stress. Er zijn methylgroepen aan gebonden, waardoor het gen geen eiwit meer maakt. Een wetenschappelijk artikel over de vondst verscheen zondag online op de website van Nature Neuroscience.

De Canadezen onderzochten de hersenen van 24 zelfmoordslachtoffers. Twaalf waren als kind mishandeld, fysiek of seksueel. Bij hen troffen de onderzoekers veranderingen aan in het gen NR3C1. Dat gen bevat de genetische code voor een eiwit (een receptor) waar tijdens een stressreactie boodschappermoleculen aan binden.

De Canadezen richtten zich op de hippocampus, het hersendeel waar deze receptor het meest te vinden is. Bij twaalf mensen die zelfmoord hadden gepleegd maar geen nare jeugd hadden gehad, en bij mensen die op een andere manier waren gestorven, vonden ze de genveranderingen niet.

Het gaat om epigenetische veranderingen, waarbij er remmende molecuulgroepen (methylgroepen) aan het gen zijn vastgezet. Hierdoor ontstaan er in het brein minder van die zogenaamde glucocorticoïdreceptoren.

De bewuste receptor maakt deel uit van een belangrijk stressregulerend systeem in het lichaam, waarin verschillende hersendelen samenwerken met de bijnier. Als de receptor mist, raakt dit systeem overactief, niet alleen onder stressvolle omstandigheden maar ook onder normale. Dat is vaak het geval bij stemmingsstoornissen, schizofrenie en suïcidaal gedrag.

Uit eerder onderzoek was al gekomen dat de reactie op stress door dit systeem overdreven is bij mensen die als kind mishandeld of verwaarloosd zijn. Ook was al aangetoond dat bij verwaarloosde ratten- en muizenjongen door epigenetische veranderingen minder van de NR3C1-receptor ontstaat.

De Canadezen laten nu met hun studie zien dat de eerdere bevindingen bij ratten ook voor mensen gelden. De manier waarop ouders met hun kind omgaan, blijkt via epigenetische veranderingen de werking van het stress-systeem van het kind te beïnvloeden.

Moeders kunnen dit zelfs voor de geboorte van hun baby al veroorzaken, bleek uit een onderzoek vorig jaar. Wanneer zij depressief zijn in het derde trimester van de zwangerschap, hangen aan het NR3C1-gen van de baby meer methylgroepen dan gewoonlijk. Zo zou een moeder haar neiging tot depressie kunnen doorgeven aan haar kinderen.