Een slechte bezorger is beter dan helemaal geen bezorger

Abonnees klagen over slechte bezorging van hun krant. Toch doen kranten het beter dan de postbode, zeggen ze zelf. Maar elke fout is wel meteen zichtbaar en reden om de krant op te zeggen.

Half vijf ’s ochtends, hartje Bussum. Het is rustig in het distributiepunt van De Telegraaf. Zwijgend tellen de bezorgers hun kranten. Maar die rust komt niet alleen door het vroege uur. Er zijn ook minder bezorgers dan vroeger. Dagelijks komen hier een kleine 50 krantenjongens, terwijl depothouder Remco van der Grient werk heeft voor 75.

„Ik heb zo weinig bezorgers dat ik de slechte niet kan ontslaan”, klaagt Van der Grient. Hij had zojuist een bezorger aan de telefoon die zich ziek meldde. De jongen kreeg een uitbrander omdat hij gisteren te veel fouten heeft gemaakt. Door het tekort aan krantenjongens moeten sommige bezorgers een tweede of derde wijk lopen. En dat leidt regelmatig tot problemen: de krant wordt laat of verkeerd bezorgd.

De bezorging van dagbladen staat onder zware druk, met name in de Randstad. PCM Uitgevers en de Telegraaf Media Groep (TMG) hebben structureel 20 procent te weinig bezorgers. Wegener, actief in Zuid- en Oost-Nederland, zit lager, op circa 10 procent.

Veel vijftienjarigen vullen liever vakken bij Albert Heijn – gezellig dollend met de meiden van de kassa, op flexibele tijden – dan dat ze zes dagen per week ’s ochtends vroeg in kou en regen een uurtje kranten bezorgen. „Toch begrijp ik die jongeren niet”, zegt Remco van der Grient. „Wij betalen vier keer meer dan AH.” In ’t Gooi, waar alle uitgevers moeite hebben met het vinden van bezorgers, levert een week kranten bezorgen 80 euro op. Dat is 30 euro boven het gemiddelde.

Distributie is niet alleen duurder geworden, zegt Jan Willem Dikmans van het PCM-depot in Rotterdam-Centrum. „Het is ook complexer dan vroeger. Weekendabonnementen en andere nieuwe abonnementsvormen maken dat het rondje dat de jongens moeten lopen geen dag hetzelfde is. Er wordt meer van ze verwacht.” Hij heeft 18 wijken en 12 bezorgers.

Rotterdam-Centrum is een van de 52 regio’s in Nederland waar PCM (NRC Handelsblad, nrc.next, de Volkskrant) al langer bezorgproblemen heeft. Andere crisisgebieden zijn onder meer Den Haag, Haarlem, ’t Gooi, Aerdenhout en Bloemendaal. En hapert het bezorgapparaat dan regent het direct klachten van abonnees. Dikmans in Rotterdam-Centrum en Van der Grient in Bussum hebben gemiddeld vier klachten op 1.000 abonnees. Voor PCM en TMG is deze 4 promille het maximum, het gemiddelde ligt een promillepunt lager. „Wij doen het nog altijd veel beter dan de postbode”, zegt Van der Grient, „maar elke fout is direct zichtbaar en mogelijk een reden om op te zeggen.”

Distributie is een onderschat probleem, zeggen de directeuren van de bezorgbedrijven van TMG, PCM en Wegener. „Het is de vraag of de krant over een paar jaar nog thuisbezorgd kan worden”, zegt Job Muller, directeur PCM Distributiebedrijf. „Het wordt steeds moeilijker om het huidige bedrijfsmodel overeind te houden. Er moet nú iets gebeuren.”

Muller en zijn collega’s Harry de Wit (TMG Distributie) en Frits Boekhoff (Wegener) willen de handen ineenslaan. De Wit: „Ik móét samenwerken om de kosten naar beneden te krijgen.” Dat betekent dat de bezorger van De Telegraaf in de toekomst de ochtendkranten van PCM meeneemt in zijn fietstas. Of andersom. Zo dalen de bezorgkosten per krant (nu tussen 0,20 en 0,35 euro). Bovendien kan worden bespaard op de binnendienst, automatisering en werving en behoud van bezorgers. Muller (PCM): „Samenwerken moet als we dit verspreidmodel overeind willen houden. En dat willen we, want voor veel mensen is de krant een onlosmakelijk onderdeel van hun leven.”

Samenwerken met concurrenten was vroeger onbespreekbaar voor de dagbladuitgevers. Dat is veranderd, zegt Muller. „Er is nu een duidelijke sense of urgency. Je moet je niet onderscheiden op de bezorging maar op de inhoud van de krant.”

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) verbood enkele jaren geleden een samenwerking tussen de distributeurs. Eén bezorgbedrijf zou nieuwe uitgevers met hoge tarieven van de markt kunnen weren. „Daarom moeten wij transparant en marktconform zijn”, zegt Muller van PCM. „Bekijk het eens van de andere kant. Wij bezorgen nu al kleinere, zelfstandige kranten als Het Financieele Dagblad, Nederlands Dagblad en de Turkse krant Zaman. Als de bezorgproblemen blijven, zullen distributiebedrijven terughoudend worden in het aannemen van zulke opdrachten.”

Twee jaar geleden mislukte een samenwerking tussen PCM en TMG Distributie (toen nog: Distriq) niet alleen door de NMa. „We moesten allebei eerst intern de zaken stroomlijnen”, zegt De Wit (TMG). „Als twee bedrijven de boel niet op orde hebben, dan wordt de shit alleen maar groter bij een fusie.” Distriq was een rommelig bedrijf, aldus De Wit. „Alles liep hier volledig door elkaar.” Hij reorganiseerde TMG Distributie tot vier divisies: transport, huis-aan-huisverspreiding, wagenparkbeheer en dagbladbezorging. Vervolgens werd wagenparkbeheer overgeheveld naar een andere divisie binnen TMG en werd de huis-aan-huisverspreiding verkocht. Binnenkort worden bij het transportbedrijf drie van de vijf vestigingen gesloten. Daarbij vallen 100 gedwongen ontslagen. Het aantal medewerkers bij TMG Distributie daalde van 567 (januari 2006) naar 202 in april 2009.

Ook het distributiebedrijf van PCM reorganiseert. Job Muller schrapt 34 voltijdsbanen (vooral in de buitendienst). Gedwongen ontslagen sluit hij niet uit. Boekhoff (Wegener) heeft in 2007 al een „stevige reorganisatie” doorgevoerd.

Aan samenwerking zitten risico’s, erkent De Wit (TMG). „Je krijgt meer onderlinge afhankelijkheden. Als een drukkerij of redactie te laat is, dan heeft de bezorger vertraging. Die neemt toe als je niet twee maar acht kranten in je tas hebt.” Ook de kans op fouten stijgt. De Wit wil krantenjongens daarom een ‘tomtom-achtig’ apparaat geven in plaats van de papieren looplijsten. Zijn collega Muller: „Een proef in de regio Utrecht toont dat samenwerking kan. Daar brengt één krantenjongen dagbladen rond van de drie grote uitgevers.”

De dagbladdistributeurs willen ook samenwerken met een postbedrijf. Muller (PCM) en De Wit (TMG) praten onafhankelijk van elkaar al met TNT Post, Selektmail en Sandd. „Zo’n samenwerking drukt onze kosten verder”, zegt De Wit. De postbode zou bijvoorbeeld de bezorging kunnen overnemen in moeilijke regio’s. In België wordt al het merendeel van de kranten bezorgd door de post. Harry de Wit sluit niet uit dat zo’n samenwerking de eerste stap is richting verzelfstandiging van het distributiebedrijf. „Je hoeft niet alles zelf te doen, zolang je maar de regie behoudt.”

Frits Boekhoff (Wegener) ziet ook voordelen op de arbeidsmarkt. „Samenwerking met andere uitgevers moet, maar het is geen structurele oplossing. Er gebeurt alleen iets als het baantje van dagbladbezorger structureel verandert. Je moet het werk uitbouwen van een uurtje naar een aantal uren per dag.” Dat kan volgens hem in combinatie met een postbedrijf. „TNT werkt ook steeds meer met freelancers die een uurtje per dag post bezorgen.”

De wervingscampagnes voor nieuwe bezorgers zouden zich volgens betrokkenen meer moeten richten op ouderen. Muller: „Bezorgers van 60+ zeggen me dat ze door het kranten lopen regelmaat in hun bestaan houden. Iemand noemde het ook net fitness.” Senioren hebben volgens Remco van der Grient, depothouder in Bussum, nog verantwoordelijkheidsgevoel. „Ik maak soms mee dat een jongere belt dat hij niet kan komen omdat zijn band lek is. Dat kwam vroeger niet voor. Dan regelde je een andere fiets.” Het werk zou voor oudere bezorgers wel fiscaal interessanter moeten worden, vindt Van der Grient. „Sommige ouderen houden van de 80 euro per week slechts 45 euro over. Of hun verdiensten worden direct gekort op hun uitkering.”

De distributiebedrijven hopen op enige hulp van de overheid. Niet alleen op fiscaal en mededingingsrechtelijk gebied, maar ook bij toepassing van de Wet Arbeid Vreemdelingen. „Natuurlijk doen we er alles aan om ons aan de wet te houden”, zegt Muller (PCM), „maar de controles en de effecten ervan zijn soms buitenproportioneel.” Hij zegt heel moeilijk te kunnen nagaan of elke (tijdelijke) bezorger die een dag een krantenwijk overneemt illegaal is of minderjarig. „Als de Arbeidsinspectie een overtreding constateert, geldt bovendien de ketenaansprakelijkheid. De bezorger was kennelijk in overtreding en daarmee de distributeur die hem op pad heeft gestuurd, maar ondertussen krijgen de distributiebedrijven en alle uitgevers wier krant in de fietstas zat, voor die ene overtreding allemaal een volledige boete. Dat telt aan als een bezorger acht of tien verschillende kranten bezorgt.” Inmiddels loopt een aantal rechtszaken van krantendistributiebedrijven en uitgevers tegen door de Arbeidsinspectie opgelegde boetes.

Dreigt het einde van de thuis bezorgde krant? Job Muller wil dat te allen tijde voorkomen. „De krant op de mat moet zo gewoon blijven als gas, water en licht.”