Cramer: ban op duizend giftige stoffen

In Nederland worden achthonderd tot duizend giftige stoffen gebruikt die mogelijk schadelijk zijn voor mens, dier of milieu. Dat blijkt uit een inventarisatie die adviesbureau Royal Haskoning heeft uitgevoerd in opdracht van minister Cramer (Milieu, PvdA).

Het gaat om biociden: middelen om schadelijke organismen te bestrijden, die wegens het gezondheidsgevaar zijn verboden in de Europese Unie. Bij het gebruiken ervan kunnen biociden onbedoeld in het milieu terechtkomen. Biociden kunnen worden opgenomen in het lichaam en daar vervolgens mogelijk schade aanrichten. Die stoffen worden gebruikt in bijvoorbeeld verf, dierbestrijdingsmiddelen, schoonmaakmiddelen en middelen om hout duurzamer te maken.

In een brief aan de Tweede Kamer schrijft Cramer dat zeker 67 stoffen zo giftig zijn dat de producten waarin ze gebruikt worden, „zo snel mogelijk van de markt moeten worden gehaald”. Het is onduidelijk om welke producten het precies gaat. Volgens Cramer „vallen de gevolgen voor de gebruikers mee en zijn er voldoende alternatieven voor de verdwijnende stoffen”. In totaal 54 andere middelen krijgen het stempel ‘hoog risico’. Cramer schrijft dat het beeld dat uit de inventarisatie naar voren komt „niet rooskleurig is.”

Het grootste deel van de achthonderd tot duizend stoffen hoeft wat Cramer betreft niet te worden verboden, omdat ze minder schadelijk zijn. Wel moeten de producenten de komende maanden toestemming vragen om de stof te mogen gebruiken. Van alle stoffen zullen de risico’s worden ingeschat, waarna het ministerie de stof verbiedt of regels voor gebruik ervan opstelt.

De meest gevaarlijke stoffen zullen het eerst beoordeeld gaan worden, daarna volgen de stoffen met het stempel ‘normaal risico’ en ‘laag risico’. Deze beoordelingsoperatie duurt naar verwachting vijf jaar. Gedurende deze beoordeling van de middelen kunnen de betrokken producten op de markt blijven. Er wordt volgens Cramer wel opgetreden als „het middel op een totaal onoorbare manier wordt gebruikt”.