Niet elke hyperbool is automatisch komisch

Cabaret

Hoe laat begint het schieten?

door Lebbis. Tournee t/m 29/5.

Hans Sibbel, alias Lebbis, heeft van alle cabaretiers misschien wel de meeste voorstellingen op zijn naam staan. In de vorige eeuw was hij de helft van het in hyperactieve grappenmakerij gespecialiseerde duo Lebbis & Jansen en sindsdien maakt hij soloprogramma’s. Het ene na het andere – en natuurlijk zit daar dan ook weleens iets middelmatigs tussen, iets waarin hij meer op techniek en routine drijft dan op originaliteit.

Ook in Hoe laat begint het schieten? komen die momenten voor. In de passages over een reis door Brits Guyana en over een verblijf in New York lijkt Lebbis meer op iemand die in de familie- en vriendenkring een onderhoudend vakantieverhaal vertelt, dan op een cabaretier die zijn onderwerpen uit alle windstreken haalt. Lebbis grijpt graag naar de hyperbool als stijlfiguur, maar niet elke hyperbool is automatisch komisch.

Ook in dit programma staat daar echter weer veel verrassends tegenover. Lebbis is op zijn sterkst als de kwaaie consument die tot het uiterste kan doorredeneren om zijn gelijk te halen. Zo haalt hij uit naar ambtenaren die niks beters te doen hebben dan stiekem een ander woord voor sofinummer te introduceren (die heten nu burgerservicenummers, terwijl er van service geen sprake is). En hij introduceert het eerste omkeerbaarheidsprincipe van Lebbis: als iemand door pure denkkracht een lepeltje kan verbuigen, moet hij óók in staat zijn zo’n krom voorwerp weer recht te maken. Dat spel met de logica speelt hij hier als vanouds, met meer dan genoeg branie om het pleit te winnen.