Leiders EU eensgezind over crisis

De financiële markten zullen aan meer regulering en strenger toezicht worden onderworpen. Er komt extra geld voor het Internationaal Monetair Fonds (IMF).

In een zeldzaam vertoon van eensgezindheid hebben de leiders van economisch belangrijke landen van de Europese Unie hiertoe gisteren in Berlijn een eerste stap gezet.

Ze voerden overleg over de bestrijding van de kredietcrisis en de mondiale gevolgen hiervan. Aanwezig waren de Duitse bondskanselier, de president van Frankrijk en de premiers van Groot-Brittannië, Italië, Spanje, Luxemburg, Tsjechië en Nederland. Ook de voorzitter van de Europese Commissie en de president van de Europese Centrale Bank waren uitgenodigd. Het kantoor van bondskanselier Angela Merkel was toneel van de topontmoeting.

De bijeenkomst was een voorbereiding op de top van de zogeheten G20, de twintig economisch belangrijkste landen van de wereld, die begin april in Londen wordt gehouden. Die moet leiden tot besluitvorming over de aanpak van de crisis.

De leiders onderstreepten de noodzaak om van de G20-top een succes te maken. De Franse president Sarkozy zei: „Dat is onze laatste kans. We kunnen ons geen mislukking permitteren.” Diplomaten duidden Sarkozy’s woorden als volgt: de politiek heeft nog maar weinig tijd en gelegenheid om de financiële markten tot rust te brengen, en er vertrouwen in te scheppen dat de plannen ook tot resultaat zullen leiden.

Premier Balkenende zei dat ‘Berlijn’ tot „vier belangrijke keuzes” heeft geleid. „Een keuze voor markteconomie met moraliteit, oftewel de sociale markteconomie; een keuze voor solidariteit met zwakke landen; een keuze voor versterking van economische structuren en deugdelijke overheidsfinanciën en een keuze voor vrije wereldhandel.”

In een verklaring noemen de leiders zeven punten die van de top in Londen een succes moeten maken. Het IMF en het Forum voor Financiële Stabiliteit moeten de crisisaanpak bewaken en aansturen. Het IMF krijgt extra geld – tot 500 miljard euro – om lidstaten met betalingsproblemen te helpen. Er komen meer regels en scherper toezicht voor de financiële markten en voor riskante bedrijven en producten zoals hedgefondsen en kredietderivaten. Belastingparadijzen worden aangepakt, desnoods met sancties. Banken moeten grotere reserves aan eigen kapitaal opbouwen. Er komt een mondiaal ‘charta voor duurzame economie’. De maatregelen mogen de vrije concurrentie niet verstoren; protectionisme is uit den boze.

Lees meer over deze minitop op pagina 8 en 9.