IAEA ontzenuwt geruchten omtrent Iran

Het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) heeft gisteren een verklaring uitgegeven die bedoeld lijkt om geruchten te ontzenuwen dat Iran opzettelijk zijn voorraden aan verrijkt uranium te laag had ingeschat. Westerse landen verdenken Iran ervan dat het uranium verrijkt voor de productie van een atoombom, iets wat Iran ontkent.

„Iran werkt goed mee met inspecteurs van de Verenigde Naties [waar het IAEA onder valt, red.] om er voor te zorgen dat het niet weer de hoeveelheid verrijkt uranium onderschat”, zo liet het agentschap weten.

Iran had tot eind vorige maand meer dan duizend kilo laagverrijkt uranium geproduceerd, zo maakte het IAEA afgelopen donderdag bekend. Dat is veel meer dan Iran tot dan toe had opgegeven, en zou genoeg kunnen zijn om een atoombom te maken, als het uranium verder verrijkt zou worden. Iran heeft geen aanwijsbare pogingen gedaan tot verdere verrijking, zo zeggen analisten. Dat Iran een te lage hoeveelheid uranium had opgegeven, was geen kwade opzet, aldus het IAEA. Volgens het agentschap had Iran problemen met de meetmethoden.

Aanstaande woensdag zal Iran zijn eerste kerncentrale uitgebreid gaan testen, in de aanloop naar de officiële opening later dit jaar, zo heeft de Iraanse staatsradio gemeld. De centrale is een belangrijk onderdeel van Irans nucleaire programma, dat westerse landen controversieel vinden. Iraanse leiders benadrukken dat hun nucleaire ambities vreedzaam van aard zijn, maar de Verenigde Staten, Israël en sommige Europese landen beschuldigen het land ervan atoomwapens te willen bouwen.

De 1.000 megawatt reactor wordt gebouwd door het Russisiche staatsbedrijf ‘Atomstroiexport’ dat ook het laagverrijkte uranium levert dat nodig is als brandstofreactor.

Westerse landen hebben Rusland gekritiseerd vanwege zijn steun voor het Iraanse nucleaire programma. Rusland zegt dat de kerncentrale een civiel project is en niet voor nucleaire wapens kan worden gebruikt.