De filmacteur die zichzelf succesvol nabootste

Daniel Kehlmann: Ruhm. Rowohlt, 204 blz. € 19,40 De vertaling (Roem) verschijnt donderdag bij Querido

Drie Duitstalige schrijvers springen er de laatste jaren internationaal bovenuit: Daniel Kehlmann, Bernhard Schlink en Pascal Mercier. Ze halen miljoenenoplagen. Ook in literair-technisch opzicht zijn er overeenkomsten, die ongetwijfeld met hun populariteit samenhangen. Ze schrijven smeuïg en spannend, wars van experimenten, hun thematiek is voor iedereen herkenbaar. De Duitse en internationale kritiek is niet altijd goed te spreken over hun werk; met name Bernhard Schlink en Pascal Mercier hebben honende kritiek moeten incasseren.

Het grootste talent van de drie is de Oostenrijker Daniel Kehlmann. Zijn internationale doorbraak vormde de roman Het meten van de wereld waarin hij twee beroemdheden uit Duitsland anno 1800 tegenover elkaar zet: ontdekkingsreiziger en natuurvorser Alexander von Humboldt en kamergeleerde en ‘vorst der wiskundigen’ Carl Friedrich Gauss.

Kehlmanns handelsmerk is het snelle verteltempo en de (karikaturale) humor. Anderzijds beeldt hij zijn figuren erg zwart-wit af en ze missen diepgang; ze lijken op stripfiguren. Een nieuw thema snijdt Kehlmann aan in zijn jongste roman Ruhm. Deze ‘roman in negen verhalen’ begint spectaculair. Een kleurloze computertechnicus schaft een mobiele telefoon aan, maar door een fout bij de centrale krijgt hij het nummer van een ander: een wereldberoemde filmacteur. Prompt ontvangt hij telefoontjes van zwijmelende fans en gewichtig doenerige bioscoopautoriteiten. Eerst probeert hij het misverstand op te lossen, maar al spoedig krijgt hij plezier in zijn nieuwe rol en begint er op los te fantaseren. Hij kruipt in de huid van de filmster en ontdekt nooit vermoede eigenschappen. Zijn leven verandert op slag en door ‘toeval’ – het laatste is een sleutelwoord binnen de roman.

Iets later komen we de filmster zelf tegen, wiens leven ook is veranderd. De telefoontjes zijn plotseling uitgebleven, misschien niet eens tegen zijn zin; hij lijkt genoeg te hebben van de beslommeringen van de roem. De acteur ontmoet zijn evenbeeld, iemand die hem bij dubbelgangerswedstrijden succesvol nabootst. Met deze man wisselt hij van rol, hij wordt de imitator van zichzelf.

Over schijn en werkelijkheid, feiten en fictie gaat het ook in de rest van de roman. Telkens vervagen de grenzen tussen waarheid en leugen, en bijna niemand van de personages weet ‘wie ik precies was en in welk doolhof ik de weg kwijt was’. Gags en dubbele bodems genoeg en als vanouds schrijft Kehlmann flitsende dialogen. Kehlmanns liefhebbers zullen dan ook weer volop genieten.

Wil Rouleaux