Aimard is zorgzaam voor Bach

Klassiek The Clerks en Pierre-Laurent Aimard. Gehoord: 21/2 Concertgebouw A’dam. Radio 4: 24/2 20 uur. ****

Wie denkt dat hyperintellectuele muziek is voorbehouden aan de naoorlogse avant-garde onder aanvoering van Pierre Boulez, zou dinsdagavond naar Radio 4 moeten luisteren. Dan wordt de ZaterdagMatinee in het Concertgebouw herhaald, met duizelingwekkend complexe werken van de vijftiende-eeuwse Johannes Ockeghem en van Johann Sebastian Bach.

Minimale motieven worden in de Missa Prolationum en Die Kunst der Fuge via imitatie, omkering, variatie en wat niet al uitgewerkt tot bouwsels van hechte, bijna ondoordringbare architectuur. Het is muziek die pas bij nauwkeurige bestudering geheimen prijsgeeft. Wie haar wil uitvoeren, doet er echter goed aan elke schijn van academische exercitie te vermijden.

Dat lukt bij Ockeghems welluidende Missa het makkelijkst, al zijn de harmonieën dermate rein dat elk butsje ook meteen opvalt. Het achtkoppige ensemble The Clerks uit Oxford moest er even inkomen, maar bereikte verderop momenten van grote schoonheid, zoals in het steeds luidere ‘Amen’ ter afsluiting van het Kyrie, dat klonk als een eindeloos draaiend rad van kleurrijke meerstemmigheid.

Moeilijker is het om Bachs compromisloze Die Kunst der Fuge meeslepend te presenteren, zeker wanneer wordt gekozen voor de complete, overigens onvoltooid gebleven reeks fuga’s en canons, alle in dezelfde toonsoort en gebaseerd op hetzelfde motief.

Nu deinst pianist Pierre-Laurent Aimard niet terug voor een uitdaging; in december 2006 voerde hij Messiaens Vingt regards sur l’enfant-Jésus integraal uit in de ZaterdagMatinee.

Gevaar voor koud analytisch spel ligt bij de intelligente Fransman soms op de loer. Maar zijn Die Kunst der Fuge, net op cd gezet, werd een anderhalf uur durend wonder van verdieping en zorgzaamheid.

Gezagvol exposeerde hij telkens weer het hoofdthema, geduldig contrasteerde hij dit met delicaat oplichtende tegenstemmen. In de zeer traag genomen Canon per Augmentationem toonde Aimard Bachs donkerste kant: zelden klonk een enkele baslijn zó eenzaam.