Haagse koehandel tast crisisaanpak aan

Nieuwsanalyse

Een handzaam pakket voor de korte termijn zou op dit moment de beste remedie tegen de crisis zijn. Maar daar heeft de politiek geen boodschap aan.

Crisisbestrijding en coalitiepolitiek. De eerste vergt op korte termijn snelle en efficiënte maatregelen. De tweede maakt dat nagenoeg onmogelijk.

Met de publicatie van de dramatische ramingen van het Centraal Planbureau voor dit en volgend jaar, is de noodzaak om de recessie te bestrijden duidelijker dan ooit. De economie krimpt, de werkloosheid stijgt en de balans van de overheid wordt uit het lood geslagen door dalende inkomsten en oplopende uitgaven, met name in de sociale zekerheid. En eerdere crises hebben geleerd: een recessie veroorzaakt door een financiële crisis duurt langer en is dieper dan een normale recessie.

Economen die eerdere financiële crises hebben bestudeerd zijn het snel eens over de meest wenselijke oplossing: laat de tegenvallende inkomsten weglopen in een hoger tekort op de begroting, en doe hetzelfde met de tegenvallende uitgaven voor de WW. Zet tegelijkertijd een handzaam pakket van 2,5 à 3 miljard euro klaar aan concrete stimuleringsmaatregelen (zoals infrastructurele projecten) en wacht af. Verwacht daarbij overigens geen wonderen, een open economie als de Nederlandse kan nooit in staat geacht worden de crisis eigenhandig te bestrijden. Maar doe één ding nooit in een crisis: het wantrouwen vergroten. Tot zover de economen.

Nu de politici. Coalitiepartijen PvdA, CDA en ChristenUnie zijn deze weken druk bezig een uitweg uit de crisis te formuleren. Maar het is de vraag of het politieke spel rondom de crisis wel tot de economisch meest wenselijke oplossing leidt. De discussie over de crisis laat tot nu toe helder zien dat de politici eerder additionele risico’s op hun schouders laden dan de problemen verminderen.

Het kernprobleem van de Haagse discussie over de crisis is dat oplossingen op de korte termijn gekoppeld worden aan maatregelen voor de lange termijn en er ook nog eens gestreefd wordt naar een akkoord met de sociale partners. Vanuit het oogpunt van een politieke winst- en verliesrekening is dat logisch. Op korte termijn wordt het begrotingssaldo losgelaten, het tekort loopt op en er wordt geïnvesteerd. Dat is winst voor de PvdA, electoraal gezien. Daar moet dus wat tegenoverstaan voor de christen-democraten. Zij worden bediend door structurele hervormingen af te spreken op het gebied van de werkloosheid, de AOW en de AWBZ.

Het gevolg van deze politieke koehandel is echter dat de aandacht voor crisismanagement dreigt te versnipperen. Daarbij wordt de onrust onder de bevolking vergroot door het nu al discussiëren over lange termijnmaatregelen. Denk aan de discussie over de hypotheekrenteaftrek of het langer doorwerken. Dat ondermijnt het vertrouwen en kan het effect van de korte termijnmaatregelen zelfs (deels) teniet doen.

Het is de eeuwige botsing tussen de politieke haalbaarheid en de economische wenselijkheid. De huidige situatie doet enigszins denken aan Paars II. Destijds, in 2000, stroomden de miljardenmeevallers binnen en kwam er druk op minister Zalm (Financiën, VVD) om dat geld uit te geven. Hoewel Zalm op economische gronden vond dat dat een slecht idee was (het waren incidentele meevallers die naar structurele uitgaven zouden gaan), kon hij de politieke druk van met name toenmalig PvdA-fractievoorzitter Ad Melkert niet weerstaan. Politiek gered, economie beschadigd.

Ook nu weer botsen de twee werelden, en deze keer gebeurt dat in de zwaarste recessie sinds 1931. Dat maakt het des te gevaarlijker.

Minister Bos nodigde deze week zes niet bij naam genoemde topeconomen uit om te debateren over de uitweg uit de crisis, schrijft hij op zijn weblog. Hoewel dat volgens Bos zes totaal uiteenlopende meningen opleverde, is de kans groot dat elk van die meningen tot een efficiëntere weg uit de crisis leiden dan de politieke weg.