Flaneren langs de Wolga

Als je wilt weten hoe Rusland er voor de revolutie van 1917 uitzag moet je naar Jaroslavl gaan, op 250 kilometer ten noordwesten van Moskou. Ik ken geen Russische stad die zo goed de sfeer van vroeger weergeeft. Zo moet het zijn geweest, denk je, als je door de straten van het historische stadscentrum loopt.

Jaroslavl is een stad die relatief welvarend, ontwikkeld en vrij is. De inwoners voelen zich er bijna beter dan die van andere Russische steden. Dat gedrag is het resultaat van een geschiedenis, waarin voortdurend de eigen onafhankelijkheid en bijzondere positie worden benadrukt.

In 1010 stichtte grootvorst Jaroslavl de Wijze van het Kiëvse Rijk (de Russische oerstaat) een versterkte handelspost op de dicht beboste hoge oever van de Wolga waar de stad zich nu bevindt. Hij noemde die post de Berenhoek, wat een Russische uitdrukking is voor ‘uithoek’. De legende wil dat de grootvorst de lokale bewoners aan zich onderwierp door met een bijl de beer te doden die zij als een god vereerden. Beer met bijl zijn nu harmonieus in het stadswapen verenigd.

Tussen 1218 en 1238, toen de Tataren de stad veroverden, was Jaroslavl onafhankelijk. In de zestiende en zeventiende eeuw ontwikkelde de stad zich tot een belangrijke doorvoerhaven voor de handel op het Midden-Oosten en Europa. De erfenis van die handel is overal aanwezig. Hollandse en Engelse kooplieden woonden er in het Peter-en-Pauluspark, waar ze fabrieken hadden.

In het centrum bouwden hun rijke Russische zakenpartners kathedralen met meer koepels dan je in andere Russische steden aantreft. Op die manier wilden ze het belang van hun stad onderstrepen. Die koopliedenkerken hebben ieder hun eigen, mooie verhaal, van opkomst en ondergang, rijkdom en armoede. Iedere lokale gids kan er smakelijk over vertellen.

De mooiste plek van de stad is de Wolgakade, een verhoogde wandelpromenade langs de beroemde rivier. Hieraan liggen bijzondere gebouwen. Behalve van voor de revolutie dateren zij ook uit de Stalinjaren. De pompeuze Stalinarchitectuur die je in Moskou ziet heeft hier veel bescheidener afmetingen gekregen en is daardoor bewoonbaar geworden.

Aan de kade ligt ook het stedelijke museum voor schone kunsten. Het is gevestigd in het voormalige gouverneurspaleis en herbergt alle goede Russische schilders van de 18de tot de 20ste eeuw. Levitan, Serov en Repin kun je er vinden met landschappen en koopmansportretten.

Het lelijkste gebouw van het Jaroslavse centrum is dat van het provinciale bestuur, een betonnen kolos uit de Sovjet-Unie. Op deze plek had Catharina de Grote een fraai paleis laten neerzetten voor een van haar minnaars. Maar na haar dood liet haar zoon Paul dit afbreken uit ergernis over het promiscue leven van zijn moeder.

’s Avonds is een wandeling over de kade aan te raden. Ga zitten en geniet van de verliefde flanerende paartjes en het uitzicht over de rivier. In het Volkov-theater, het eerste openbare theater van Rusland, worden beroemde toneelstukken opgevoerd, in de plaatselijke filharmonie treden topmusici op. Niet voor niets besluit het plaatselijke televisiejournaal zijn dagelijkse uitzending met de woorden „Jaroslavl, ons leven, onze liefde”.