Al in 2010 spectaculair winstherstel

De economische depressie is in aantocht. Deze week kwam het Centraal Planbureau met alarmerende ramingen. Herleeft de klassieke klassenstrijd?

Banen vermorzeld, winsten gered.

Welkom in de economische depressie waarvan niemand weet hoe die er uit zal zien, maar waarvan een ding zeker is. Sommige kenmerken uit eerdere depressies, zoals de massale werkloosheid in de jaren dertig en begin jaren tachtig van de vorige eeuw, dreigen terug te komen. Maar andere verschijningsvormen zijn verrassend, zo blijkt uit de prognoses die het Centraal Planbureau (CPB) deze week publiceerde. Het meest ongewoon is het razendsnelle herstel volgend jaar van de winstgevendheid van het Nederlandse bedrijfsleven.

„Als de prognoses van het CPB kloppen, zou dat heel goed nieuws zijn voor de aandelenmarkt”, erkent chef econoom Han de Jong van ABN Amro. „Maar ik zet daar toch wel mijn vraagtekens bij.”

De cijfers van de grote Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen duiden niet op snel herstel. Banken en verzekeraars leden in 2008 verliezen. Het vierde kwartaal in de industrie en dienstensector was belabberd. Voor de komende maanden waagt niemand zich aan een verwachting.

„De ongekende terugval van de economie doet denken aan de jaren dertig”, zei minister-president Balkenende (CDA) bij de publicatie van de CPB-prognoses. Politiek Den Haag registreerde opeens de schokken. De schok van de krimp van de economie dit jaar met 3,5 procent. De schok van het onbeheersbare financieringstekort. De schok van de massawerkloosheid: 125.000 mensen extra dit jaar, nog eens 250.000 volgend jaar, stijgend tot 675.000 mensen. Dat is 8,75 procent van de beroepsbevolking. Nog lang geen jaren dertig, maar wel bijna 1983 toen de werkloosheid 9,6 procent bereikte.

Maar wat staat tegenover de verdubbeling van de werkloosheid? Eerst winstdalingen, maar in 2010 een spectaculair winstherstel. Het Planbureau geeft nu geen prognose van de winstgevendheid. Het is wachten tot 17 maart staat in het Centraal Economisch Plan.

In de huidige raming van het CPB moet de winstgevendheid herleid worden uit het cijfer van de grootste concurrent van de winst: de verdiensten van de werknemers. Het werknemersaandeel in de economie, de zogeheten arbeidsinkomensquote, stijgt dit jaar in de prognose met vier procentpunt naar 84,5 procent, maar zakt vervolgens terug naar 81,25 procent. Dat ligt boven het niveau in de afgelopen jaren, maar dat waren ongekend gunstige jaren voor winsten en aandeelhouders. „De consensus onder analisten over de winsten van het Europese bedrijfsleven is duidelijk somberder dan die van het CPB”, aldus beleggingsstrateeg Peter van Doesburg van vermogensbeheerder Waealth Management Partners.

De voorspelling is ook een groot verschil met de depressiejaren 1980-1982. Toen was het aandeel van de bedrijfswinsten in de economie negatief of nul. De vermogenspositie van ondernemingen werd uitgehold door inflatie, verliezen, maatschappelijke tegenstand en trage reacties van het bedrijfsleven op de misère.

Wat is nu anders? Inflatie (olieprijs; de prijzen van de artikelen in het winkelmandje) is laag. Er was wel inflatie, maar dat waren prijsstijgingen van bezittingen, zoals aandelen en woningen.

Tweede verschil: het karakter van de arbeidsmarkt is fundamenteel gewijzigd. Nu zie je geen lange rijen demonstranten door de straten trekken om de werf van Piet Smit open te houden.

Derde verschil: bedrijven reageren snel. Personeelsreducties volgen direct. Ondernemingen korten zelfstandigen zonder personeel, flexcontracten en uitzendkrachten. De snelheid waarmee dat gebeurt zie je nog niet in de officiële werkloosheidscijfers. Maar het zit al wel in het rekenmodel van het CPB. Dit jaar daalt de productiviteit van werknemers: de economie krimpt, maar de werkgelegenheid krimpt minder. Dat laatste komt in 2010. Dan verwacht het CPB een formidabele omslag in de productiviteit: van min 3,25 procent naar plus 5,5 procent. Veel meer doen met minder mensen. Van Doesburg: „Is dat wel realistisch.” Het zou een recordstijging in twintig jaar zijn.

Maar wie krijgt de opbrengst van dat extra werk? Het bedrijfsleven. De ondernemingen weten dat in de CPB-ramingen naar zich toe te trekken. Helemaal verbazingwekkend is dat niet: de werkloosheid vermindert de onderhandelingsmacht van vakbonden. Zoals econoom Han de Jong het samenvat: „Je kunt het opvatten als het herleving van de klassieke klassenstrijd. Het winstherstel gaat ten laste van de loontrekkers.” Dat klinkt wel weer heel jaren tachtig.