Wormen van piepschuim

De beelden van Tom Claassen hebben een Dick Bruna-achtige eenvoud. Veel mensen kennen zijn enorme olifanten naast de snelweg bij Almere, de gigantische konijnen in het Rotterdamse Museumpark of de metershoge mus naast de Utrechtse dom een paar jaar geleden. Maar Claassen heeft nog een andere kant. Deze maand exposeerde hij bij Art Rotterdam drie geplukte dode eenden – echte – die hij had voorzien van geboetseerde poten. De beurs was afgelopen voor ze gingen stinken, en nu voor zijn galerietentoonstelling bij Fons Welters stapte Claassen opnieuw naar de poelier.

De eenden zijn net zo naargeestig als het dode musje dat in de galerie op een latex constructie ligt, intussen voldoende ingedroogd om geen sappen meer te verspreiden. Ze staan mijlenver af van zijn olijke buitenbeesten. „Buiten wil je niet met iets raars geconfronteerd worden, daar heb je niet om gevraagd”, zegt Claassen in de galerie. Voor een galerie geldt dat voorbehoud niet. Daar weten bezoekers dat kunst ongemakkelijk kan zijn. Ze zijn gewaarschuwd.

Want ongemakkelijk is Claassens tentoonstelling. Hij exposeert latex en rubberen afgietsels van voorwerpen die sowieso al niet sprankelen van schoonheid: een ladder, uitlaat, industriële stofzuiger. Aan het witte latex hangen glibberige flubbertjes, het gele rubber verkleurt naar een viezig bruin. Moeizaam verhullen de rubberhuiden staaldraad skeletten die weerbarstig alle kanten uit steken. Voor de grote achterruimte van de galerie wilde Claassen eigenlijk een akker ‘afrubberen’ om de steriele ruimte een lekker ‘aardappelgevoel’ te geven. Maar dat was geen doen – in de rubberen stofzuiger alleen al zit drie maanden werk. Als alternatieve ruimtevullers maakte Claassen van piepschuim zes meterslange wormen, ook een soort akker, en zette een latex tuinstoel neer: de ultieme sta-in-de-weg die zoals bekend altijd te veel ruimte in beslag neemt.

Latex tuinstoelen, ontbindende eenden, piepschuim wormen en een enkele marmeren abstractie – in deze rare tentoonstelling lijkt niets op elkaar. Maar wie een stap naar achteren neemt, ziet dat alles samen een uitgebalanceerde installatie vormt. Claassen wil helemaal niet schuren, hij zoekt contrasten om te laten versmelten in een ultieme beeldhouwkundige harmonie. Geen frictie, maar plus en min, yin en yang. Dat samenspel is zo goed uitgedokterd, dat je het Claassen vergeeft dat sommige werken op zichzelf misschien wat zwakjes zijn. Ze reageren op elkaar en op de architectuur van de galerie: organisch rubber naast rechte muren, golvende wormen onder een lineair dak, een klein vogelhuisje naast een grote ruimte.

Als geheel bevat de expositie alle tegenstellingen waar beeldhouwkunst om draait, zoals kleur, vorm, tijdelijke versus eeuwige materialen.

Tom Claassen, in Galerie Fons Welters, Bloemstraat 140 Amsterdam. Di t/m za, 13-18 u.