Wildernis

Die Kartoffel in der Vagina ist natürlich eine Metapher. Aber eine Metapher wofür?” Deze vraag verliet zomaar de mond van de presentator van het televisieprogramma Aspekte, tijdens een rechtstreekse uitzending vanuit de Berlinale. Hij stond op een klein podium naast Claudia Llosa, regisseur van de Gouden Beer winnende film La teta asustada. De glimlach die tot nu toe zijn gezicht niet had verlaten, verstijfde, alsof de lading van zijn woorden pas tot hem doordrong toen hij ze hoorde klinken. Het is niet vaak stil op televisie, realiseerde ik me toen ik getuige was van de duizelingwekkende stilte die volgde.

Uiteindelijk bleek het zwijgen van Llosa niet veroorzaakt door verbijstering. De verklaring was technisch van aard: de vertaling van de vraag moest haar nog bereiken. En toen dat was gelukt, vertelde ze ongebreideld over wortels, aarde, moederschoten en de maatschappelijke positie van de vrouw. Het was indrukwekkend hoeveel metaforen een aardappel kan opwekken. De presentator straalde van geluk om alles wat Llosa antwoordde. Het maakte eigenlijk niet uit wat ze zei. Zijn glimlach zat weer goed.

In de theatervoorstelling The Nature of Hunting van Blood for Roses staan twee presentatoren voor het publiek. Ook zij stralen van het onuitstaanbaar soort geluk dat de toeschouwer er van dient te overtuigen dat hij iets bijzonders ziet. Karen Røise Kielland (1975, Noorwegen) en Anne Rooschüz (1975, Duitsland) nemen het publiek in de vorm van een ironische lezing mee op een reis langs vragen, onzekerheden en absurditeiten die ontstonden naar aanleiding van hun vraag of er nog wildernis bestaat in onze maatschappij. Ze trokken met deze vraag naar uithoeken in Europa waar beren en wolven leven.

Met videoprojecties tonen ze jagers als dicht op de natuur levende mensen. Juist uit hun bereidheid te willen leren, blijkt de afstand die Kielland en Rooschüz hebben tot de natuur. Deze afstand levert rijke beelden op, zoals wanneer de twee vrouwen met traag dansende bewegingen opgezette dieren uit een archiefkast halen en een plek voor ze zoeken in de ruimte. In een andere scène vertelt Kielland hoe ze de jacht ervaart. Pas halverwege haar verhaal begint een geluidloze videoprojectie van een jager achter haar. Kielland en de jager maken synchrone bewegingen en de actrice blijkt de woorden van de jager in de mond te hebben genomen. De werkelijkheid is een partituur die steeds opnieuw gespeeld kan worden. Kielland heeft de jager zo goed bestudeerd, dat ze hem is geworden. Op een vergelijkbare manier transformeert ze tegen het slot van The Nature of Hunting tot een beest. Terwijl een bioloog, die de hele voorstelling aan een bureau op het podium zit, iets uitlegt over wolvengedrag, zit Kielland naakt op een wolvenhuid. Ze streelt de vacht en zorgt voor een verstild plaatje. Maar dan begint ze stuiptrekkende bewegingen te maken, die ze uitbouwt tot die van een onstuimig, bloeddorstig dier. Opvallend genoeg trekt ze steeds meer kleren aan terwijl ze over het podium buitelt, snuift en stampt. Rooschüz zingt intussen een Duits jagerslied en lijkt evenmin als de bioloog iets te merken van de wildernis die in haar medespeler is ontstoken. Misschien moet daar uit worden afgeleid dat het beest alleen in Kielland leeft en dat wij de wildernis alleen nog tegenkomen in onze verbeelding.

Maar ik heb gezien dat een presentator, hoe veel geluk hij ook uitstraalt, kan veranderen in een beest. Achter elke glimlach schuilen zijn tanden.