FBI heeft fraudeur Stanford gevonden

De voortvluchtige Texaanse bankeigenaar Robert Allen Stanford, die wordt verdacht van een enorme beleggingsfraude, is gevonden in de Amerikaanse staat Virginia. Agenten gaven hem gisteren een dagvaarding van de beurstoezichthouder SEC, maar hielden hem niet aan. Dat heeft de Amerikaanse recherche FBI bekend gemaakt.

De Texaan heeft via zijn bedrijf Stanford International Bank op het Caraïbische eiland Antigua, voor 8 miljard dollar (6,35 miljard euro) aan obligaties verkocht. Stanford beloofde bijzonder hogere rendementen. Hij zou het geld van beleggers echter in waardeloze beleggingen hebben gestopt. Daarnaast is de Stanford International bank vermoedelijk getroffen door de grote fraudezaak van Bernard Madoff.

De zaak heeft vooral grote gevolgen in Latijns-Amerika, waar de bank van Stanford veel klanten heeft. In Mexico, Venezuela, Panama, Ecuador en op het Caraïbische eiland Antigua stonden eerder deze week lange rijen wachtenden voor de bankvestigingen. Honderden verontruste rekeninghouders van de Stanford International Bank deden een vergeefse poging om hun saldo veilig te stellen. Omdat de tegoeden zijn bevroren, kregen rekeninghouders nul op rekest. Venezuela en Panama hebben de zeggenschap over de banken intussen overgenomen.

Wat de gevolgen voor Nederlandse financiële instellingen zijn, is nog onbekend. Bankverzekeraar ING is voor een paar miljoen euro blootgesteld aan deze fraude. Dat zei bestuurslid Koos Timmermans deze week tijdens een toelichting op de kwartaalcijfers. „We hebben zeer beperkt en via derden geïnvesteerd.” In een eerdere geruchtmakende fraudezaak rond de belegger Madoff was Fortis Nederland een van de gedupeerde instellingen. De bank kondigde eind vorig jaar aan indirect 850 miljoen tot één miljard euro schade te kunnen lijden door het Ponzi-spel van Madoff. De andere Nederlandse financiële instellingen leken toen geen schade te hebben geleden.