Wethouder weg om metrolijn

De Amsterdamse wethouder Tjeerd Herrema (PvdA) is afgetreden wegens nieuwe tegenvallers bij de Noord-Zuidlijn. De gemeente verwacht dat de metrolijn opnieuw 290 miljoen euro extra kost en twee jaar later klaar zal zijn.

De kosten van het project komen daarmee op 2,3 miljard euro, in plaats van de 1,4 miljard euro waarvoor de gemeenteraad in 2002 toestemming gaf. De einddatum ligt nu in 2017, zes jaar later dan oorspronkelijk geraamd. In een korte verklaring zei Herrema vanochtend dat de kosten voor Amsterdam zo hoog zijn dat „de stad die nauwelijks meer kan dragen”.

In de drie jaar dat Herrema wethouder was, moest hij meerdere vertragingen en overschrijdingen melden. „De grens van mijn politieke verantwoordelijkheid is bereikt”, zei Herrema vanmorgen.

De laatste overschrijding is volgens de gemeente te wijten aan de lekkages in de bouwput op de Vijzelgracht vorig jaar zomer. En door de vertraging daar zal ook de metrotunnel pas later kunnen worden geboord. Ook zegt de gemeente dat de risicoreserves moeten worden verhoogd en dat het afsluiten van het laatste contract veel extra geld heeft gekost.

Om greep op het project te krijgen heeft de gemeente een onafhankelijke commissie ingesteld onder leiding van oud-minister Cees Veerman (CDA). De commissie moet het college nog voor de zomer adviseren hoe het verder moet. Wethouder Maarten van Poelgeest (GroenLinks) neemt voorlopig de portefeuille van Herrema over. De PvdA gaat snel op zoek naar een opvolger.

Herrema: pagina 3Commentaar: pagina 7

Achtergronden op nrc.nl/noord-zuidlijn