Gruwelvariant op 'Murder on Orient?'

Acteur Woody Harrelson promootte op tournee zijn nieuwste film Transsiberian.

Maar hij heeft het liever over hennep en rauw voedsel.

Vraag aan acteur Woody Harrelson hoe hij het liefste zijn dag doorbrengt en het maken van een film zit er niet bij. Doe hem maar een doorsnee dagje in zijn Hawaïaanse wooncommune, waarop hij zo vanuit z’n bed met z’n surfplank de zee in kan lopen. „Onderweg pluk ik m’n ontbijt wel uit een boom.”

„Ik ben de grootste uitvreter ter wereld”, beklemtoont hij nog even met dat karakteristieke vette Texaanse accent. „Dat is vanochtend ook wel weer bewezen.” Het is zijn manier om zich te verontschuldigen dat hij de journalisten nogal lang op zich heeft laten wachten, hen ondertussen volop de ruimte gevend om te speculeren over de redenen van zijn vertraging. Een ordinaire jetlag zal het wel niet zijn bij deze ambassadeur voor het legaliseren van softdrugs.

Harrelson heeft dan ook makkelijk praten, gaf hij afgelopen herfst toe tijdens het filmfestival van Gent, waar hij zijn nieuwste film Transsiberian presenteerde. De laatste keer dat hij zijn bankrekening controleerde, kwam er nog steeds geld binnen van de immens populaire televisieserie Cheers, waarmee hij eind jaren tachtig doorbrak, grapte hij. Toch heeft hij ook in de jaren daarna een aardig cv opgebouwd vol rollen van ‘all American boys’ waar, bij nader inzien, vaak iets mis mee is. „Ik speel graag van die onschuldige sukkels, maar dan wel zo dat je nooit helemaal zeker weet of ze op het punt staan om uit hun dak te gaan of iets onberekenbaars te doen.”

En zo gaat ook de Hitchcockiaanse thriller Transsiberian. In plaats van met het vliegtuig besluiten de Amerikaanse christelijke zendelingen Roy en Jessie met de trein van Peking naar Moskou te reizen. Wat dan volgt is een gruwelvariant op filmklassiekers als Strangers on a Train of Murder on the Orient Express.

Dat is een kolfje naar de hand van regisseur Brad Anderson, eerder verantwoordelijk voor de fysieke aftakeling van acteur Christian Bale in de slapeloosheidhorror van The Machinist. „Zo extreem was het deze keer niet hoor”, verzekert Harrelson. „Ik weet niet eens of ik zo’n rol zou kunnen spelen. Maar die film gaf wel de doorslag om met regisseur Brad Anderson in zee te gaan. Zo gaat het altijd: de regisseur en het script zijn het belangrijkste. Dat zou je vaak vergeten in een industrie die door sterren wordt gedomineerd. Maar het begint bij het script. Als je je daar al niets bij kunt voorstellen, dan wordt het met de film ook niets.”

Maar liever dan over film praat hij over een paar andere stokpaardjes. Promotie maken voor een film is stiekem zijn ‘activist journey’, grijnst hij. Om reclame te maken voor de raw food-beweging bijvoorbeeld. Dus dat hij het liefste zijn ontbijt elke ochtend rechtstreeks van het land haalt, moeten we vooral letterlijk nemen. En dat Harrelson een groot geloof heeft in hennep blijkt wel uit het feit dat hij niet te beroerd is om even uit zijn stoel op te staan om de labels uit zijn spijkerbroek en overhemd aan ons te tonen. „Kijk: 100 procent hennep, en hier: puur ecologisch linnen en zijde.”

„Ik doe er alles aan om mijn ecologische voetafdruk te verminderen. Maar of het echt zin heeft? Ik ben deels optimistisch en deels cynisch.” En hij neemt een ferme slok mineraalwater. Uit een plastic flesje.