De twee oudste steden liggen in de clinch

„Natuurlijk gun ik iedere stad in ons land zijn eigen trots.” De Nijmeegse burgemeester Thom de Graaf wil maar zeggen: met naijver heeft zijn boze brief aan collega Gerd Leers in Maastricht niets te maken. „Wat ik bezwaarlijk vind, is dat op basis van onterechte en onjuiste argumenten een uniciteit wordt toegeëigend.” Volgens De Graaf steekt zijn gemeente veel energie in citymarketing en toeristisch beleid onder het motto ‘Altijd Nijmegen, de oudste stad van Nederland’. Met recht, want wetenschappelijk onderbouwd.

Maastricht wil echter van geen wijken weten en afficheert zichzelf ook als oudste stad van Nederland. De meest vergaande daad van toegeeflijkheid dateert uit 2005. Toen gaven de Limburgers Nijmegen het predicaat ‘oudste stad’ te leen. Noviomagum vierde het tweeduizend jarig bestaan. Maastricht had even genoeg aan andere superlatieven. Verschillende verkiezingen hadden de stad net aangewezen als ‘beste stad’ met de ‘beste burgemeester’.

De Maastrichtse stadsarcheoloog Titus Panhuysen, tevens werkzaam aan de Universiteit van Amsterdam, spreekt van „een non-discussie, maar wel een amusante non-discussie. Nijmegen was een stad in de Romeinse tijd, maar is daarna tot niets vervallen. Maastricht was onder de Romeinen nog geen stad, maar kan zich wel beroepen op continue bewoning. Daar zijn nog mensen te vinden met DNA dat nog is terug te voeren op de Romeinen.”

De Maastrichtse burgemeester Leers sluit zich daarbij aan. „Wij volgen de polemiek geamuseerd en tillen er verder niet zo zwaar aan. Beide plaatsen mogen de titel ‘oudste stad’ claimen.”

De Graaf ziet voorlopig af van verdere stappen.