Confettikanon kan worden opgesteld naast gengewas

De plaatsen waar bedrijven experimenteren met genetisch aangepaste gewassen moeten precies bekend zijn, zo oordeelde het Europese Hof van Justitie deze week. Ook al dreigen actievoerders de proefvelden te vernietigen. Het Hof gaf een Franse milieuactivist die schermde met het recht op informatie dinsdag gelijk. Het Nederlandse ministerie van VROM kijkt aan tegen eenzelfde zaak, aangespannen door Greenpeace. Eerder maakte de milieuorganisatie proefvelden onbruikbaar door er met een confettikanon zaad van wilde bloemen op te blazen. Herman van Bekkem, campagneleider gentech en duurzame landbouw bij Greenpeace, is er nu van overtuigd dat ook in Nederland de locaties van testvelden bekend worden.

Feestje gebouwd na de uitspraak?

„Wij sprongen een gat in de lucht. Ons dossier is precies gelijk aan het Franse. Dit moet tot eenzelfde uitspraak leiden. VROM zal vergunningen voor proefveldjes moeten intrekken, omdat die zijn verleend zonder de locaties exact bekend te maken.”

Is dat niet jammer? Voorstanders zien in genetisch gewijzigde gewassen de oplossing voor het voedseltekort op aarde.

„Dat is kletskoek. Kijk naar de praktijk en je ziet dat bedrijven helemaal niet zoeken naar eigenschappen waardoor planten beter groeien, zoals sterkere wortels of een betere stofwisseling. De landbouw schiet niets op met de huidige gengewassen. Bedrijven zoeken naar gewassen die bestand zijn tegen onkruidverdelgers. Dat leidt tot resistent onkruid, waardoor er nog meer gesproeid moet worden. Men maakt ook planten die giftig zijn voor insecten. Maar die doden ook andere diertjes en bedreigen zo de biodiversiteit.

Bovendien kan niemand de uiteindelijke impact van gengewassen inschatten. Experimenten toonden verminderde vruchtbaarheid aan bij muizen die gengewassen te eten kregen. Bedrijven stellen DNA voor als een geheel van legoblokjes waarvan ze het ene blokje gecontroleerd door het andere vervangen. Maar microbiologie is veel complexer, wat ze doen is in feite grof knip- en plakwerk.”

Trekt u nu met uw kanon naar de proefveldjes als hun locatie bekend is?

„Dat kanon was een ludieke actie. Wij zoeken die veldjes niet op om ze kapot te maken, maar om op een ludieke manier aandacht te vragen voor de negatieve effecten van gentech. Mogelijk verspreiden gengewassen zich in natuurgebieden. Ook boeren moeten weten of ze zulke veldjes in de buurt hebben om kruisbestuiving te kunnen voorkomen.”

Is een toekomst met genetisch gewijzigde gewassen niet onvermijdelijk?

„Wat ons betreft is er geen toekomst voor gentechnologie, maar kennis van DNA kan wel worden gebruikt om kwekers beter te laten selecteren. Je zoekt de component die verantwoordelijk is voor een bepaalde eigenschap en vervolgens kweek je met de planten waarin je die component terugvindt. Zo verkregen we al schimmelresistente tarwe, en rijst die bestand is tegen droogte of langdurige overstroming. Dit zogenaamde ‘marker assisted breeding’ is veel interessanter dan gentechnologie.”