'Benoeming ambtenaren te vaak partijpolitiek'

Kosovo gaat de goede kant op, meent de Nederlandse diplomaat Feith. Hij is EU-gezant in Pristina. „We hebben meer medewerking nodig van Belgrado.”

„Kosovo is een jaar na de onafhankelijkheid sterk ten goede veranderd”, zegt de Nederlandse diplomaat Pieter Feith. Hij is in Kosovo zowel de vertegenwoordiger van de ICO (International Civilian Office) als Speciale Vertegenwoordiger van de Europese Unie. Een jaar na de onafhankelijkheid is in Kosovo een juridische basis voor bescherming van de minderheden vastgelegd in de grondwet en in meer dan zestig wetten, vertelt Feith.

Maar zwarthandel en corruptie blijven een groot probleem.

„De regering probeert samen met de Europese Commissie de rechtsstaat te versterken. Ik blijf niettemin enige zorg houden over het feit dat veel benoemingen in overheidsdienst toch veelal nog beïnvloed worden door partijpolitieke voorkeur en niet op basis van werkelijke competenties.”

Zeker in het noorden is de rechtstaat nog steeds een groot probleem.

„Eulex (de civiele missie van de EU, red.) heeft nu toegang tot het noorden, maar dat is niet gemakkelijk. Er is een volledige afwezigheid van law and order. Er is georganiseerde misdaad, smokkel en mensenhandel. We hebben meer medewerking nodig van Belgrado om de situatie daar onder controle te krijgen.”

Hoe realistisch is dat?

„Servië zelf heeft ook een perspectief op toenadering tot de EU. En ik denk dat ik kan zeggen dat de EU verwacht dat Belgrado zich positief opstelt en dat Servië de werking van de Europese missies hier in Kosovo niet zal tegenwerken. Er moeten daarom rechtstreekse contacten worden gelegd tussen Belgrado en Pristina over praktische aangelegenheden zoals douane. Belgrado moet de Kosovo-Serviërs ook aanmoedigen om contacten te leggen met de centrale autoriteiten in Pristina.”

Albanezen menen dat de internationale gemeenschap de wetteloosheid in stand houdt door te veel nadruk te leggen op stabiliteit in plaats van vooruitgang.

„Het belangrijkste is dat er een dynamiek op gang komt naar Brussel met medewerking van alle landen in de regio, Servië en Kosovo incluis. We verwachten toch dat er een minimum aan praktische contacten zal ontstaan en dat Eulex zijn werk kan uitoefenen.”

Want dat kan nu nog niet?

„Je kan nog niet concluderen dat er met veel gemak wordt gewerkt. Voorlopig is er nog geen inning van douanerechten omdat er nog discussie is over welk recht van toepassing is. Hier is ook het principe toepasbaar dat we het beste wetten kunnen toepassen die het best aansluiten bij die van de EU. Ook belangrijk is dat zoiets niet te lang duurt. Want ministeries aan beide kanten van de grens verliezen nu inkomsten. Er zou meer nadruk moeten worden gelegd op het gemeenschappelijk belang.”

U wilt ook meer autonomie voor de Serviërs in het noorden, terwijl die verantwoording afleggen aan Belgrado. Is dat geen tegemoetkoming aan de parallelle structuren?

„Meer autonomie komt niet zonder voorwaarden. Het is mogelijk dat er inkomsten uit Belgrado blijven komen voor bijvoorbeeld gezondheid en onderwijs, maar dan moet dat wel duidelijk zijn. Op die wijze kan de Servische gemeenschap zijn eigen levensstijl handhaven en kun je door transparantie de corruptie of verkeerd gebruik van overheidsmiddelen tegengaan.”

De Albanezen zien die financiering als een aanslag op hun soevereiniteit.

„Zolang dat gaat zoals het nu gaat, via die parallelle structuren, is dat inderdaad zo. Maar het nieuwe plan is een onderdeel van onze strategie voor een multiculturele samenleving. Het is een van de manieren om te komen tot volledige integratie van de Servische gemeenschap.”

De internationale gemeenschap opereert zo voorzichtig dat het een rem is op onze ontwikkeling, menen sommige Albanezen.

„De werkelijkheid is toch iets anders. Na de onafhankelijkheid hebben we UNMIK (de VN-missie, red.) snel zien afbouwen. Ook wij zullen hier geen dag langer blijven dan noodzakelijk. Als men kritiek heeft, is dat te begrijpen na negen jaar bestuur door de VN. Maar nu is er een ander soort internationale aanwezigheid. Nu praten we niet meer over een status quo, maar wij werken aan het gereed maken van Kosovo voor integratie in de EU. Dat is toch een dynamischer proces. En als het niet snel genoeg gaat, zou men ook eens moeten kijken naar wat de politieke elite in dit land presteert en hoe snel zij werken. Ik heb zeker geen bezwaar tegen versnelling van het proces. Maar het hangt niet van mij af. De verantwoordelijkheid ligt bij de regering van dit land.”

Bekijk een interview met Pieter Feith via: nrc.tv.