Slecht, slechter, slechtst en straks nog véél slechter

De vooruitzichten voor de economie zijn somberder dan verwacht.

De premier spreekt van een zware economische recessie.

De jaren dertig zijn terug, althans, de vergelijking met de jaren dertig. Het zijn geen zwartkijkende analisten of andere doemdenkers die de vergelijking maken. Het was gisterochtend minister-president Jan Peter Balkenende die teruggreep naar de zware economische crisis uit de vorige eeuw om de ernst van de huidige situatie te illustreren.

In de hal van het ministerie van Algemene Zaken sprak de premier van „echt dramatische” werkloosheidscijfers. Coen Teulings, de directeur van het Centraal Planbureau (CPB) die naast hem stond, was ook ongebruikelijk somber . „Dit is veel ernstiger dan verwacht”, zei de econoom wat bedremmeld. „De overheidsfinanciën slaan zwaar uit het lood.”

De stemming past bij de voorspellingen van het CPB: een werkloosheid die volgend jaar tot 9 procent van de beroepsbevolking kan oplopen en een begrotingstekort van 5,5 procent – bijna het dubbele van wat in Europa als maximaal tekort is afgesproken. Het overtrof de zwartste scenario’s. Voor het CDA was het gisteren aanleiding om als laatste coalitiepartij te erkennen dat de begrotingsregels niet meer te handhaven zijn.

De snel oplopende werkloosheid noemde Balkenende het „meest pijnlijke” van de „grote beproeving” die de samenleving wacht. Hij vindt het een illusie om te denken dat alleen de overheid die problemen kan oplossen. „We hebben elkaar nodig”.

Een vergelijking met de jaren dertig wordt door de cijfers zelf gesuggereerd. De krimp van de economie is, los van oorlogsperiodes, voor het laatst zo groot geweest in 1931, de tijd van kabinet-Ruijs de Beerenbrouck III. En sommige werkloosheidscijfers van de jaren tachtig verbleken erbij: in 1983 piekte het aantal werklozen even boven de 600.000. Nu wordt 675.000 voorspeld.

Teulings durfde gisteren zelfs een aantal van 800.000 werklozen aan het einde van 2010 niet uit te sluiten. „We houden er rekening mee dat de werkloosheid snel zal oplopen tot een procent of 9 in 2010, en ook daarna waarschijnlijk nog wel verder oploopt en hoog zal blijven.” Hij was ook somber over de snelheid waarmee de arbeidsmarkt zich kan herstellen. „Financiële crises duren altijd langer dan verwacht.” Of de werkloosheid verder verslechtert, is helemaal afhankelijk van de economische krimp in 2010.

Het kabinet roept extra ministerraden bijeen om te besluiten over bezuinigingen, investeringen en hervormingen op de lange termijn.

De instortende bedrijfsinvesteringen zullen ongetwijfeld veel aandacht vragen. Een groei van 10 procent slaat om in een krimp van ruim 11 procent dit jaar en 12 procent volgend jaar. CPB-directeur Teulings zinspeelde erop dat het handhaven van de begrotingsregels onmogelijk is geworden. Een tekort binnen de afgesproken veiligheidsmarges van 2 procent (regeerakkoord) en 3 procent (Europa) kwalificeerde hij als „ondenkbaar”. Maar Balkenende noemde het „niet acceptabel” om de rekening van de huidige crisis volledig door te schuiven naar volgende generaties. Tegelijkertijd wees hij erop dat de grens van 3 procent begrotingstekort een absolute grens is „behalve in bijzondere omstandigheden.” Neemt ook de premier daarmee een voorschot op het loslaten van de begrotingsregels?

De prognoses van het CPB zijn nog slechter dan het worstcasescenario dat het planbureau twee maanden geleden presenteerde. De Europese Commissie was al een tijdje een stuk somberder dan de Nederlandse hofleverancier van economische prognoses. Directeur Teulings weet het aan de inklappende wereldhandel. In 2009 werd een krimp van 2,75 procent van de „relevante wereldhandel” voorzien. In „onzekerheidsvariant A” werden in december de gevolgen berekend voor een wereldhandel die dit jaar 5,25 procent slinkt. Gisteren werd die aanname in het gemiddelde scenario neerwaarts bijgesteld tot -9,75 procent – een extreme krimp. Teulings noemt dit „de kern van het probleem”.

Toch zijn er ook cijfers waar de burger moed uit kan putten. De koopkracht stijgt dit jaar met 2,25 procent. Zo goed hebben de burgers het in jaren niet gehad. Het opmerkelijke beeld is vrijwel volledig terug te voeren op de ingestorte olieprijs. Het CPB en het kabinet rekenden dit jaar met een prijs van 125 dollar voor een vat Brent olie. Nu wordt van eenderde daarvan uitgegaan.

De sociale partners kunnen zich opmaken voor een harde strijd met het kabinet, want de cao’s zijn van een te hoge inflatie uitgegaan. Alleen door die verkeerde aanname kan de koopkracht nu zo uitbundig stijgen.

En er was nóg een lichtpuntje. Volgens economen is vooral de duur van een recessie relevant, niet zozeer de diepte. En die lijkt mee te vallen. De jongste voorspellingen hebben nog meer dan eerder de vorm van een V: diep, maar kort. Voor 2010 wordt alweer van een groei van de wereldhandel uitgegaan, met 1,5 procent. En ook de ontwikkeling van het nationaal inkomen in 2010 valt nog mee. Het is weliswaar negatief in plaats van de groei van 1 procent die in december werd voorzien. Maar een krimp van 0,25 procent van de economie is in het cijfergeweld bijna te zien als een opleving.

Het IMF was ook opvallend positief. Topman Dominique Strauss-Kahn zei dat in 2010 al het keerpunt kan komen in de wereldwijde financiële crisis als overheden de juiste beslissingen nemen. Het zijn deze besluiten waar het kabinet zich de komende weken over buigt.