Old boys network faalt

Raden van commissarissen schieten ernstig tekort in het toezicht op bedrijven.

Dat komt doordat ze bestaan uit oude heren die elkaar allemaal kennen.

Jan Blokker beschreef in nrc.next van 6 februari hoe oud-minister Loek Hermans er, naast een volledige baan en een Eerste Kamerlidmaatschap, maar liefst 26 nevenfuncties op na houdt, waaronder zeven commissariaten. In het boek De Prooi doet Jeroen Smit uit de doeken hoe destijds bij ABN Amro de raad van commissarissen innig vergaderde met de raad van bestuur over de teloorgang van de bank. Eerder deze maand bleek dat een zichzelf verrijkende directeur van Rochdale, een woningbouwvereniging in Amsterdam, ongestoord zijn gang kon gaan. Van de commissarissen kreeg hij alle ruimte.

Het zijn zorgwekkende verhalen over de rol van een instituut dat in zijn huidige vorm niet meer van deze tijd is: de raad van commissarissen. Commissarissen spelen in theorie een belangrijke rol in het voorkomen of op tijd aan de kaak stellen van misstanden bij bedrijven. Maar ze lijken in Nederland vooral één doel te dienen: het in stand houden van zichzelf. Heren op leeftijd uit het old boys network (en een paar vrouwen) azen allemaal op commissariaten naast hun baan (die blijkbaar niet uitdagend genoeg is) of hun (vervroegde) pensioen. Niet alleen om verzekerd te zijn van een soms riant inkomen, maar ook om mee te kunnen blijven praten en in beeld te blijven.

Wordt het niet tijd om een radicaal andere koers in te slaan als het gaat om toezicht op het functioneren van organisaties? Hoe is het mogelijk dat iemand met 26 nevenfuncties al die ontwikkelingen in al die verschillende markten volgt en op 26 plaatsen een kritische bijdrage levert? Geen wonder dat er af een toe een misstandje onopgemerkt blijft.

Het instituut zoals dat nu bestaat, is een systeem van coöptatie: ‘vrindjes’, oud-studiegenoten, golfmaatjes, waarbij meestal geldt: ‘voor wat hoort wat’. Het is een systeem dat we elders in de economie vrijwel niet meer kennen – voor vrijwel alle soorten functies werken we met profielen en competenties. Maar bij commissariaten heeft de moderne tijd haar intrede nog niet gedaan.

Hoe moeten we het toezicht op bedrijven dan wél organiseren? Om te beginnen zou ook bij het werven van commissarissen gewerkt moeten worden met een profiel: wat voor soort organisatie zijn we en welk soort toezicht hebben we precies nodig? Op welke acties, gedrag en bestuur hebben we kritiek nodig? Simpele vragen die bij commissariaten bijna nooit gesteld worden.

Uitgangspunt in het samenstellen van raden van commissarissen moet een evenwichtige samenstelling worden: om te beginnen moeten er veel meer jongeren in. Mannen én vrouwen in alle leeftijden tussen 30 en 60. Ik kom in mijn werk briljante jonge ondernemers tegen die in een luttel aantal jaren een organisatie hebben opgezet, goed voeling hebben met de technologische ontwikkelingen, kritisch kunnen denken en op wereldniveau zaken kunnen doen. Waarom worden zij geen commissaris?

Ook is een beperking van het aantal commissariaten per persoon noodzakelijk. Hoeveel commissariaten kun je aan naast een volledige baan? Twee of drie. Ten slotte: transparant wordt het commissariaat als duidelijk wordt welk resultaat het toezicht moet opleveren. Daarop moeten commissarissen worden beoordeeld. En op basis daarvan moeten ze worden betaald.

Patries Quant werkt als managementtrainer en -adviseur bij Schouten & Nelissen.