Danser is meubelstuk en klimrek voor zijn partner

Dans Dance Works Rotterdam: Xtra Xtra Large. Gezien: 14/2, Rotterdam. T/m 2/5. Inl: 010-4364511, www.danceworksrotterdam.nl

Wie bij Dance Works Rotterdam meteen aan pure dans denkt, staat een verrassing te wachten. In het programma Xtra Xtra Large zijn de twee premières niet wat men in het algemeen onder choreografie verstaat, maar theatrale performances waarin de dansers zich van een andere kant laten zien. Dat zoiets niet altijd even geslaagd is, verrast een stuk minder.

Danseres Helene Pieren, die meestal vrij koel en gesloten overkomt, heeft met graagte haar tanden gezet in de samenwerking met Bruno Listopad, die de laatste jaren steeds meer naar een multidisciplinaire aanpak neigt. Hij verandert Pieren in een soort Andy Warhol (witte piekpruik, zonnebril) en laat haar in Super Candy op torenhoge hakken over het toneel wankelen, in een voortdurende worsteling met bandrecorder, snoer en microfoonhengel. Dit alles om ‘contact’ te krijgen, zoals ook de titel luidt van Serge Gainsbourgs tekst die Pieren er nu en dan uit raspt, als ze niet bezig is een prop kauwgum tussen haar vingers te weven. Als ze het publiek in strompelt, trekt ze echter snel de microfoon terug zodra iemand in de microfoon zucht of lacht – het is háár show. Tot slot ontdoet zij zich van haar sociaal onhandige personage en van de uitgekauwde kern daarvan, om bevrijd en ‘als zichzelf’ de vloer te verlaten.

Lijkt deze solo een goed uitgevoerd, leerzaam uitstapje zonder al te veel pretenties, in Jana’s World van Sjoerd Vreugdenhil blijft de presentatie van de dansers op workshopniveau steken. Eerst ziet het multimediale groepswerk er ook verdacht bekend uit. Een geëxalteerde kunstnicht die het publiek toespreekt, mobiele wanden die tevens als projectieschermen dienen, live video van deconstructivistische duetten; bij wie had Vreugdenhil gewerkt, zei u?

Die kopie van William Forsythes Kammer/kammer duurt echter maar enige minuten. Daarna wordt het publiek deelgenoot gemaakt van de problemen die danser Francesco Curci als regisseur (‘het achterachterachterneefje van Federico Fellini’) moet overwinnen om zijn nieuwste artistieke creatie te realiseren. Vreugdenhil noch zijn alter ego slaagt; een nieuw Otto e Mezzo is dit groepswerk in de verste verte niet.

Net als een kleine twee jaar geleden redt Trampled Origami van Erik Kaiel de avond. In 2007 presenteerde hij een eerste versie van dit duet en sindsdien is het her en der uitgevoerd, met succes. Het is dan ook onmogelijk niet betrokken te raken als Jasper Dzuki Jelen zijn partner Kaiel tot klimrek annex meubelstuk omvormt, beklimt, wentelt, neerlegt en overeind zet, zonder ooit contact te verliezen. Van Jelens klauter- en balanceerkunst tot de manipulaties die Kaiels lichaam geduldig verdraagt: alles is invoelbaar. Toch maar beter niet thuis proberen.