Hier de gezagvoerder

Dat Geert Wilders een acute bedreiging voor de openbare orde zou zijn, bleek te kloppen als een bus. Hij had nog maar net voet op Engelse bodem gezet of er voltrok zich al een waar Heizeldrama: journalisten die elkaar vertrapten, fotografen die tegen de hekken werden geduwd, cameramannen die hun eigen verstikkingsdood op film vastlegden. In de krant was te zien hoe een fotograaf zijn leven in de waagschaal stelde om een foto te maken van driehonderd andere fotografen die hun leven in de waagschaal stelden om een foto te maken. Een verslaggever vroeg: „Meneer Wilders, dit is toch te gek voor woorden?” Het bleek zijn laatste vraag te zijn geweest. Zijn lichaam werd teruggevonden bij gate veertien.

Veel moslims waren er daarentegen niet te bekennen. Nu moet ik erbij zeggen: door alle camera’s was het ook moeilijk te zien. Ik weet niet eens zeker of de journalisten wel echt in Engeland waren. Voor hetzelfde geld zijn ze nooit verder gekomen dan Schiphol, omdat de piloot weigerde op te stijgen. „Beste jongens en meisjes van de media. Hier de gezagvoerder. Buiten is het zes graden en binnen is het veel te druk. Als het zo’n herrie blijft, gaan we vandaag helemaal nergens heen. Wie niet onmiddellijk gaat zitten, krijgt ook geen nootjes.”

Thank you for choosing British Airways.

Een bizar tafereel. Maar het telefoontje van Balkenende aan Gordon Brown moet nog veel vreemder zijn geweest. Want was het niet CDA-minister Verhagen die er een jaar geleden op had aangedrongen Fitna niet uit te brengen? En was het niet CDA-minister Hirsch Ballin die vlak na de verschijning van Fitna ‘het aanzetten tot verstoring van de openbare orde’ strafbaar wilde stellen? Hoe moest Jan Peter dan in hemelsnaam Brown gaan vertellen dat het een schande was dat Wilders werd geweerd op precies diezelfde gronden? In het persbericht stond daarom alleen dat de premier „zeer teleurgesteld” was.

Ja, teleurgesteld dat Wilders zo snel terugkwam.

Ik moet het de PVV-leider nageven: het was weer een briljant geregisseerd spektakel. En dat allemaal om een film die al elf maanden op internet staat. Ik zou zeggen, geef Geert er de volgende keer een webcam bij – dat scheelt een hoop gedoe. En kerosine.

Rob Wijnberg