Vaagheden rond Valentijn

Een kaartje verstuurd met Valentijnsdag? Dan heeft u, waarschijnlijk onbewust, een heilige herdacht. Valentijn of Valentinus is één van de vaagste figuren onder de vroegchristelijke martelaren. Zijn gebeente ligt op zeker zes plaatsen begraven en is tweemaal vergeven door een paus. Gregorius XVI schonk wat doorgaat voor Valentijns botten, in 1836 opgegraven in catacomben buiten Rome, aan de Karmelietenkerk van Dublin. Daar worden ze op Valentijnsdag in processie naar het hoogaltaar gedragen tijdens een mis voor verliefde jonge mensen.

Pius IX gaf in 1847 stoffelijke resten van Valentijn aan de latere kardinaal John Newman en die zijn bijgezet in de Birmingham Oratory. Er liggen ook relikwieën van Valentijn in de basiliek Santa Prassede in Rome, de kerk John Duns Scotus in Glasgow, in het Franse Rocquemaure en in de Stephansdom in Wenen.

Op 14 februari herdenkt de kerk twee heiligen, die allebei Valentinus heten en allebei waren begraven aan de Via Flaminia bij Rome: een ‘bisschop van Terni’ en een priester die in 269 is onthoofd. Zeker één van hen moet echt hebben bestaan, want archeologen hebben een vroegchristelijke kerk en catacombe opgegraven die waren gewijd aan ene Valentinus. De priester zou een tijdgenoot zijn geweest van keizer Claudius II. Die verbood zijn soldaten te trouwen, omdat dit slecht zou zijn voor hun moreel. Valentijn zou enkele legionairs toch in de echt hebben verbonden, waarvoor hij ter dood werd veroordeeld en onthoofd.

In de Legenda Aurea van Jacobus de Voragine (1260), een populair middeleeuws boek over heiligenlevens, staat dat Valentinus, wachtend op zijn executie, de blinde en dove dochter van de cipier genas. In de late Middeleeuwen werd aan dit verhaal een romantische draai gegeven. De veroordeelde zou verliefd zijn geworden op de dochter en haar kort voor zijn dood een briefje hebben geschreven, ondertekend: ‘Van je Valentijn’.

Een traditie van anonieme liefdesbrieven op Valentijnsdag wordt voor het eerst vermeld door Geoffrey Chaucer in zijn gedicht Parlement of Foules (1382). Hij heeft dit ‘oude gebruik’ waarschijnlijk zelf bedacht.

Vorige week zei een woordvoerster van de katholieke kerk in Groot-Brittannië dat de traditie op een misverstand berust. Valentijn zou de beschermheilige zijn van verloofden – lees: zij die de ware al hebben gevonden – niet van verliefde zoekers. Die worden doorverwezen naar de aartsengel Rafaël, de patroon van ‘gelukkige ontmoetingen’.

Dirk Vlasblom