Tragedie met een grote T

Het scheldwoord ‘Roomse rotkop’ blijkt tot nu toe een nauwelijks gedocumenteerde uitdrukking.

Deze rubriek genereert altijd al veel post, maar de afgelopen weken was het extra veel – een paar honderd mailtjes. Veel lezers spraken hun waardering uit voor de korte taalobservaties van de laatste tijd en droegen er meteen zelf nog enkele aan. Daarnaast kwamen er bovengemiddeld veel vragen binnen – vaak over de herkomst van een woord of uitdrukking.

Hoe graag ik alle nuttige aanvullingen ook op deze plaats zou willen verwerken, en hoe graag ik ook alle vragen zou willen beantwoorden – tijd en ruimte ontbreken daartoe. Toch zou het zonde zijn om niks met al die aanvullingen en vragen te doen. Zonder twijfel zijn er lezers die het antwoord weten op vragen van andere lezers, en veel van de aanvullingen zijn niet alleen kostelijk om te lezen, ze bevatten ook veel informatie die voor andere onderzoekers nuttig kan zijn . Lees bijvoorbeeld op www.nrc.nl/woordhoek over de roomse rotkop – een tot nu toe nauwelijks gedocumenteerde uitdrukking die ons veel leert over de verhouding tussen katholieken en protestanten in de tijd dat Nederland nog echt verzuild was.

Een selectie van de aanvullingen en vragen zal ik voortaan opnemen in de weblogversie van deze rubriek, tenzij lezers hier bezwaar tegen hebben. Om onnodige post te voorkomen: vermeld s.v.p. in uw correspondentie of u bezwaar heeft tegen plaatsing op internet. Of dat u dit alleen wilt als uw persoonlijke gegevens worden verwijderd („Mijn buurman heeft een uitgesproken roomse rotkop; daaronder versta ik…”). Met regelmaat zal ik losse taalobservaties publiceren. Nu alleen deze:

Grote T. Wabe Roskam, correspondent voor het Radio 1 Journaal, zei het vorige week zo: „De enorme bosbranden in Australië hebben het leven gekost aan bijna 200 mensen, bijna een miljoen dieren hebben het leven gelaten en vijfduizend woningen zijn verwoest. Het is een tragedie met een grote T.”

Dat die branden een tragedie zijn, staat buiten kijf. Maar ik vond dat „tragedie met een grote T” nogal knullig klinken. Een tragedie is al groot, een superlatief bijna, daar hoef je weinig aan vast te plakken. Bovendien vond ik het nogal kinderlijk klinken.

We kennen natuurlijk kunst met een grote K. Ik meende dat dit een cliché uit de jaren zestig was, maar die uitdrukking blijkt al veel ouder te zijn. Al in 1940 zette taalpublicist Charivarius kunst met een grote K bovenaan een lijstje met ‘gemeenplaatsen’. Boven dit lijstje schreef hij, ter toelichting: „Gemeenplaatsen zijn niet onjuist, maar vervelend; hiermee is alles gezegd.”

Dat ik „tragedie met een grote T” kinderlijk vind klinken, komt wellicht omdat het aansluit bij het taalgebruik op de basisschool. Daar leer je het verschil tussen „grote letters” en „kleine letters”. Later leer je dat de correcte aanduiding voor de grote hoofdletters is of kapitalen, dan wel – in kringen van drukkers en uitgevers – bovenkast.

Hoe het ook zij: ‘[woord] met een grote [beginletter]’ blijkt een vaak gebruikte formulering. Aanrader, Angst, Afzien, Architectuur ...met een grote A; Balen, Bloggen, Boezems, Beginner ...met een grote B; Cultuur, Comfort, Chaos, Communicatie ...met een grote C – je kunt op Google zo het hele alfabet bij elkaar harken. Bij nader inzien staat „tragedie met een grote T” dus zeker niet op zichzelf.

Reacties naar sanders@nrc.nl of via www.nrc.nl/woordhoek