Exposeer de kapotte Rodin en koop een nieuwe

Restauratie van een zo zwaar gehavend beeld als De Denker van Rodin leidt slechts tot cosmetisch herstel. Het authentieke is weg en komt ook niet terug, meent Frits Scholten.

Op 17 januari 2007 werd het Singer Laren door vandalen beroofd van zeven tuinbeelden. Deze brute roof – één in een golf van bronsdiefstallen in en buiten Nederland – kreeg veel aandacht van de media omdat onder de geroofde beelden een exemplaar was van Rodins Denker. Enkele dagen na de roof werd het beeld zwaar verminkt teruggevonden.

Nu, ruim twee jaar later, kondigt het museum de restauratie aan van dit beeld, dat door alle betrokkenen unaniem wordt beschouwd als een artistiek, kunsthistorisch en verzekeringstechnisch ‘total loss’: het brons mist een onderbeen, het heeft verschillende diepe zaagsnedes, het schedeldak is er bijna af, evenals de linker bovenarm.

Als belangrijkste reden voor de voorgenomen restauratie wordt de ‘symboolwaarde’ van het beeld voor het museum genoemd. Wat die symboolwaarde inhoudt wordt echter niet verteld. Als het meest beroemde publieke beeld ter wereld is De Denker in al zijn varianten en derivaten een algemeen symbool – om niet te zeggen: cliché – van beeldhouwkunst geworden. Het feit dat het, als topstuk van de Larense collectie, op de plastic tasjes van het museum prijkt, maakt het nog niet tot een symbool van Singer Laren. In zijn huidige, gemankeerde vorm is het dat sowieso niet, maar na restauratie evenmin.

Daarentegen is het beschadigde beeld wél een symbool van het fenomeen bronsvandalisme dat Europa sinds een aantal jaren teistert. Het beeld haalde alle kranten en journaals en is verankerd in ons collectieve geheugen.

Bij elke restauratie worden afwegingen gemaakt, die per geval, per restaurator en per museum kunnen verschillen. Dat is hier niet anders. Wat echter wel vaststaat is dat restauratie van een zo zwaar gehavend beeld als De Denker slechts leidt tot cosmetisch herstel. Met grote inspanning is de uiterlijke verschijningsvorm van het beeld te reconstrueren, maar daarmee wordt zijn authenticiteit niet herwonnen. In het gunstigste geval is het resultaat een illusie van authenticiteit. Anders gezegd, het Larense beeld is geen Rodin meer en zal dat ook nooit meer worden. Ook is het daarom een illusie dat restauratie de ‘symboolwaarde voor Singer Laren’ kan herstellen. Restauratie, of liever: reconstructie, betekent, alle goede bedoelingen ten spijt, een gebrek aan respect voor het authentieke kunstwerk én een minachting van het publiek, dat straks slechts een decorstuk krijgt voorgeschoteld. Herstel doet tevens een ‘extra’ authenticiteit teniet, namelijk die van de beschadiging als niet te loochenen deel van de geschiedenis van het kunstwerk. Het is veelbetekenend dat De Denker van het Museum of Art in Cleveland, die in 1970 bij een bomaanslag zwaar werd beschadigd, ongerestaureerd werd teruggeplaatst voor de ingang van het museum. Als ongemeen krachtig symbool van kunstvandalisme bezit ook de beschadigde Denker van Singer Laren een enorme zeggingskracht die het niet verdient om te worden gesmoord in een alles verdoezelende restauratie.

Er is bovendien een authentieker en duurzamer alternatief: aankoop van een ander exemplaar. De Singer Denker is namelijk één van circa vijftig originele duplicaten van het beeld op dit formaat. Alle zijn gemaakt tijdens Rodins leven of onder toezicht van de beheerders van zijn nalatenschap. Het begrip authenticiteit wordt bij een dergelijk duplicaat ruimer opgevat dan bij een unicaat. Afgezien van kleine onderlinge verschillen, zijn alle duplicaten van eenzelfde model even authentiek. Dat gegeven legitimeert het zoeken naar een andere Denker.

De kunstmarkt heeft in de afgelopen tien jaar aangetoond dat dat een alleszins reële optie is: sinds 1998 zijn zes vergelijkbare Denkers geveild met een gemiddelde opbrengst van iets boven 1 miljoen dollar. Met de uitgekeerde verzekeringsgelden en het niet aan een restauratie bestede geld bezit het Singermuseum een riante financiële basis om een andere originele Denker aan te kopen. Er zijn vast voldoende fondsen te vinden die willen bijdragen om Singer Laren zijn ‘symbool’, maar vooral de Collectie Nederland weer een volwaardig exemplaar van Rodins brons te bezorgen. Want De Denker is een beeld dat in het Nederlands openbaar kunstbezit niet mag ontbreken.

Frits Scholten is hoofdconservator beeldhouwkunst van het Rijksmuseum, Amsterdam en was tussen 2005 en 2008 lid van de museumcommissie van Singer Laren.