Eindelijk in Nederland

In Apeldoorn oogstte het nieuwe Omnisportcentrum een en al bewondering.

Minpunt is dat de bochten van de atletiekbaan een hoge hellingshoek hebben.

Jarenlang moesten de Nederlandse atleten voor de Nederlandse kampioenschappen indooratletiek uitwijken naar België, naar Gent. Afgelopen weekeinde konden ze eindelijk in eigen land terecht, in het gloednieuwe Omnisportcentrum in Apeldoorn. Tijdens de NK toonde het publiek een en al bewondering voor de accommodatie. „Mooie hal, hè?”, klonk het voortdurend.

Waren er dan geen minpunten? Toch wel, want om nu te zeggen dat de baan perfect was, nee, niet bepaald. Yvonne Hak, de Nederlands kampioene op de 800 meter die op een halve seconde de limiet voor de EK indoor miste, was het meest uitgesproken: „De bochten kloppen niet”, zei ze. De loopster doelde op de hellingshoek, die aan de hoge kant is. Als starter in de buitenbaan ondervond zij er de meeste hinder van. „Ik moest eerst drie passen omhoog en vervolgens vrij steil naar beneden. ”

Hak was niet de enige die klaagde. Wouter de Boer, de kampioen bij de mannen op de 800 meter, vond dat hij in de bochten flink moest ‘hangen’. Gelukkig had hij voor de NK enige dagen in de hal getraind, zodat het nadelige effect beperkt bleef. Over het algemeen was zijn oordeel evenwel positief. „Mooie, snelle baan.”

De steile bochten van de baan waren al eerder onderwerp van discussie. Er is even sprake van geweest dat de internationale atletiekfederatie IAAF haar goedkeuring aan ‘Apeldoorn’ zou onthouden. Maar de baan voldoet uiteindelijk aan alle technisch eisen.

Het gedoe over de bochten is een gevolg van de ongewone combinatie – in één hal – van een atletiekbaan met een wielerbaan. Door de afmeting van de wielerpiste konden maar vier van de zes noodzakelijke atletiekbanen permanent worden aangelegd. Voor de NK moeten de banen vijf en zes daaraan worden toegevoegd. En die liggen voor een deel op de wielerbaan. Gevolg is dat het buitenste deel niet naadloos aansluit; tussen baan vier en vijf is een naad van zo’n zes millimeter.

Dat praktische ongemak moet op de koop worden toegenomen, zelfs in een hal waarvan de bouw- en ontwikkelingskosten 75 miljoen euro bedragen. Een uitgave waarvan Apeldoorn 47 miljoen euro voor zijn rekening neemt. Het Rijk en de provincie Gelderland hebben voor 18 miljoen bijgedragen; 10 miljoen komt uit verkoopopbrengst van grond.

Bottleneck bij projecten als van het niveau Omnisport zijn de exploitatiekosten. Dat financiële risico heeft de gemeente Apeldoorn voor de eerstkomende tien jaar afgedekt met een contract met Libéma, een beheersbedrijf van beurshallen, vakantie- en attractieparken. De tegemoetkoming van de gemeente bestaat uit de symbolische huurprijs van één euro per jaar en een jaarlijkse subsidie van 600.000 euro.

Omnisport heeft bij de Atletiekunie tot een dusdanig enthousiasme geleid, dat het Apeldoorn wil kandideren voor de EK indooratletiek in 2015. Ambitieus, gelet op het voornemen in 2014 de EK atletiek outdoor naar Amsterdam te halen. En samen met Global Sports Communication, het bedrijf van atletenmanager Jos Hermens, zijn er serieuze plannen vanaf 2010 jaarlijks een groot internationaal atletiekgala in Omnisport te houden. Op den duur moet dat toernooi de allure krijgen die vergelijkbaar is met de Fanny Blankers Koen Games in Hengelo.