Dans van choreografe Childs is louterend mooi

Dans Introdans: Lijnrecht. Tournee t/m 13/6. introdans.nl

We wisten het al, maar choreografe Lucinda Childs (1940) behoort tot de grote dansmakers van deze wereld. De Amerikaanse heeft wat Bach en Hans van Manen ook hebben: het lijkt allemaal zo eenvoudig, die opeenvolging van noten of passen, maar het stijgt altijd boven zichzelf uit.

In Concerto (1993), dat Introdans twee jaar geleden op het repertoire nam, wervelen dansers in wisselende formaties door de ruimte. Concerto is streng in vorm; minimalistisch met kleine verschuivingen. Een arm verschuift een decimeter, een sprong draait ineens naar de coulissen; met wiskundige precisie legt Childs een caleidoscopisch patroon bloot.

In Chairman Dances (2000), nieuw bij het Arnhemse gezelschap, speelt Childs een fascinerend spel met vijftien dansers en de gelijknamige swingende muziek van John Adams. De magie slaat weer toe: de pure repetitieve bewegingen emotioneren. Louterend mooi.

Dat kan niet gezegd worden van de wereldpremière Optical Identity van de jonge Italiaan Mauro de Candida (1981). Hij is officieel ‘Nieuw Talent’ en probeert met synthesizerklanken, fluisterstemmen en knalroze buizen diepzinnigheid te suggereren. Statisch klitten dansers in elkaar, dan komt er een keurig groepje aan. De bewegingen hangen echter als los zand aan elkaar. Wat Candida wil, blijft vaag.

Van Manen sluit af met Three Pieces (1968), een nog anekdotisch werk over groep versus eenling, dat al Van Manens latere humor en talent voor strakke vormen aankondigt. In Lijnrecht bewijzen Van Manen en Childs dat het tonen van bijna vergeten werk van Oude Meesters veel zin heeft.

Ingrid van Frankenhuyzen