'Zonder moraal leidt rijkdom naar de hel'

Bei Ye merkte als voorzitter van de vereniging van eigenaren van een chic appartementencomplex in Peking dat rijkdom riskant kan zijn. „We leven op een tijdom die kan ontploffen”.

Bei Ye, schrijver en voormalig dissident, lijkt een geliefd bewoner van Maple Garden, een snel verouderd appartementencomplex voor Chinese yuppen in het district Dashanzi in het oosten van Peking. Het complex met gemeenschappelijke garage, vijver en verlichte tuin, is een van de vele die in Peking de afgelopen jaren voor de middenklasse werden gebouwd.

Vriendelijk groet Bei de bewakers die voor de deur van zijn woontoren staan en amicaal omarmt hij een chique medebewoonster die in de marmeren hal in de lift stapt. Toch zijn niet alle buren van hem gecharmeerd. „Ik probeerde de mensen gemeenschapszin bij te brengen en ze op hun verantwoordelijkheden te wijzen. Dat kwam me duur te staan”.

In 2006 besloot Bei zich in te zetten voor de Vereniging van Eigenaren van Maple Garden na een conflict tussen de bewoners, de projectontwikkelaar en het management dat het gebouw beheert en onderhoudt. De toenmalige, niet democratisch gekozen vertegenwoordiger van de huiseigenaren voelde zich niet verantwoordelijk. Bei Ye riep verkiezingen uit en werd door de zevenhonderd bewoners met een ruime marge gekozen. Vanaf die tijd zette hij zich bijna voltijds in en was vastbesloten de democratie in Maple Garden te laten slagen.

Van jongs af aan is Bei geobsedeerd door de culturele verschillen tussen Oost en West. Tien jaar bestudeerde hij de Chinese cultuur en geschiedenis, en in 2000 rondde hij zijn duizend pagina’s tellende boek Een theorie van de Chinese beschaving af.

Slechts een derde van zijn boek overleefde de censuur. De publicatie viel samen met zijn verhuizing naar Maple Garden. Omdat zijn vrouw Linda een goedbetaalde baan heeft bij de multinational Nestlé, kon Bei zich in hun nieuwe huis volledig richten op zijn schrijfwerk en zijn filosofisch onderzoek. „Meer dan veertig jaar had ik bij mijn ouders gewoond in een verpauperde fabriekswoning. Plotseling hadden we tweehonderd vierkante meter, stromend water en een prachtige keuken”.

Maar zijn droomwereld werd verstoord toen hij er als voorzitter van de Vereniging van Eigenaren achter kwam dat democratie in China zelfs op kleine schaal niet werkt. Toen Bei aan zijn project begon, dacht hij nog dat hij zou slagen: „Ik woon hier te midden van de elite, van de nieuwe rijken, de welgestelde ideale burgers. Maar zeventien maanden later kon ik niet meer werken. Ik ging door een hel. Ik ontving een anonieme brief met een vlijmscherp mes erin. Ik werd vervloekt en telefonisch bedreigd. En die dreigementen kwamen niet van de Chinese maffia en ook niet van de overheid.”

Medebewoners van Maple Garden sloopten de ramen, stortten afval in publieke ruimtes, bouwden zonder vergunning dakkapellen en verdiepingen op hun huis. Bei wordt fel als hij in zijn flat laat zien hoe buurtbewoners publieke ruimtes gebruiken om hun vuilnis en afgedankte huisraad te dumpen. „Ze maakten de buurt lelijk en scholden mij uit als ik ze maande niet tegen het algemeen belang te handelen. Ik vroeg hen zich te houden aan de regels van de Vereniging van Eigenaren.”

De problemen begonnen pas echt toen een van de bewoners bij een verbouwing van zijn appartement doodleuk een steunmuur sloopte. Bei wijst door het raam naar het huis van de boosdoener en zegt fel: „Dat is terreur. Niet alleen hij en zijn familie konden worden gedood maar het hele gebouw had kunnen instorten. Ik belde de politie maar die vond dat het niet hun zaak was. Vervolgens klopte ik bij de overheid aan maar daar zeiden ze dat ik het zelf moest oplossen”.

Bei liet het er niet bij zitten. Hij stapte naar het management van Maple Garden en dreigde hen met de rechter. „Ik zei dat als zij deze man niet zouden aanklagen, ik hen uit naam van de Vereniging van Eigenaren voor de rechter zou slepen”.

En dat gebeurde toen. Het management spande een procedure aan tegen de roekeloze huiseigenaar. „Maar weet je”, zegt Bei Ye, „Dit is China. De man had vriendjes bij de rechtbank. Dus kreeg hij geen straf maar slechts de opdracht de muur terug te plaatsen”.

Bei Ye was woedend. „Toen de muur na een half jaar nog niet opnieuw was opgebouwd, probeerde ik het management ertoe te bewegen het hogerop te zoeken. Maar niemand kwam in actie. Ze hadden geen tijd”.

Tot nu toe is het gebouw niet ingestort. Maar vorig jaar gebeurde hetzelfde in een complex van een van de bestuursleden. De bewoners ondernamen opnieuw geen actie en weer stond Bei machteloos. „Toen begreep ik eindelijk pas goed de woorden van Plato van 2.500 jaar geleden: ‘Kennis is deugd en deugd is kennis’. Ja ,we worden rijk, ja, er is vooruitgang, maar in werkelijkheid leven we op een tijdbom die elk moment kan ontploffen. Alles wat zogenaamd van waarde is in China is gebaseerd op onderdrukking en uitbuiting van de arme bevolking. Binnen decoreren de nieuwe rijken hun huis als een paleis, maar zonder morele waarden en maatschappelijke verantwoordelijkheid gaan we naar de hel. Dit is de realiteit van het rijk worden en van die geweldige vooruitgang die China heeft doorgemaakt”.

Bei legde zijn functie als voorzitter neer, maar bleef zich inzetten voor zijn woonwijk. Hij blijft vriendelijk communiceren met zijn buren, organiseert buurtfeesten en houdt enquêtes. Bij de slagbomen van het complex heeft hij een carpoolhalte gemaakt waar buurtbewoners elkaar een lift kunnen geven naar de stad. Op een blauw bord staat met Chinese karakters: ‘Help je buren. Stel niet direct persoonlijke vragen en wees eens onbaatzuchtig’.

Bei lacht en zegt: „De meeste Chinezen weten niet wat burgerzin is”. China was altijd een land van keizers en koningen die hun burgers slechts geleerd hebben om te gaan met hun familie en hun baas. Bei: „Na de val van het keizerrijk is het er niet veel beter op geworden. De overheid zal de burger moeten opvoeden, maar de overheid heeft geen idee wat een burgermaatschappij inhoudt. De autoriteiten leven al decennialang achter gesloten muren van regeringscentrum Zhongnanhai, hun eigen keizerrijkje. Pas nu lijken leiders als Wen Jiabao zich te realiseren dat onderdrukken en controleren niet meer volstaat”.

Bei denkt dat alleen door samenwerking tussen burger en overheid een einde kan komen aan dat soort samenleving. „Een betere maatschappij begint met verantwoordelijkheid van het individu. Het wordt tijd dat de Chinese burger wakker wordt en zich dat realiseert”.