Uitgeverij Suhrkamp verhuist naar Berlijn

Uitgeverij Suhrkamp verhuist van Frankfurt naar Berlijn. Volgens uitgeefster Ulla Unseld-Berkéwicz is Berlijn het culturele laboratorium van deze tijd.

Cultureel West-Duitsland is geschokt. Een van zijn belangrijkste instituten trekt oostwaarts. Suhrkamp, de uitgeverij waar een flink deel van de Duitse literaire top huist, verruilt de boekenstad Frankfurt voor Berlijn, het „laboratorium van deze tijd”.

Maandenlang is erover gespeculeerd. Haast niemand wilde het geloven. Suhrkamp is immers onlosmakelijk verbonden met Frankfurt am Main, de stad die vanaf de jaren zestig tot ver na de val van de Muur op boekengebied de toon aangaf. Suhrkamp en Frankfurt waren geliefde centra voor de links-literaire elite van de Bonner Republiek. Suhrkamp naar Berlijn? Ondenkbaar. Het zou verraad aan haar eigen geschiedenis zijn – en aan een cultureel tijdperk.

Het zou, ter vergelijking, hetzelfde zijn als NRC Handelsblad van Rotterdam naar Amsterdam zou verhuizen.

Maar de geruchten zwollen aan. Deze week bevestigde directrice Ulla Unseld-Berkéwicz – weduwe van langjarig Suhrkamp-uitgever Siegfried Unseld – dat de nieuwe hoofdzetel van de uitgeverij over krap een jaar inderdaad in Berlijn zal staan. Ze gebruikte woorden die in Frankfurt pijn deden: „We gaan naar de hoofdstad, het culturele laboratorium van onze tijd. Een betere basis, op het snijvlak van oost en west, is voor een uitgeverij niet denkbaar”, zei ze tegen de Frankfurter Allgemeine Zeitung, het kwaliteitsdagblad in Frankfurt dat dezer dagen veel aandacht aan Suhrkamp besteedt.

‘Het einde van een mythe’; ‘Frankfurt heeft als boekenstad afgedaan’; ‘de Bonner Republiek maakt cultureel definitief plaats voor de Berlijnse Republiek’ – de Duitse pers haalde alles uit de kast om de schok van de voorgenomen verhuizing te beschrijven.

Journalist en cultuurminnaar Frank Schirrmacher, chef van het feuilletondeel van de Frankfurter Allgemeine, fulmineerde in zijn krant dat Berlijn eigenlijk alweer passé is. „De Berlijnse droom is uitgedroomd”, schreef hij. En: „Het nieuwe Suhrkamp zet in op de sociaal-revolutionaire intelligentsia, die voortkomt uit gedeclasseerde intellectuelen van het internettijdperk.” Wat hij ook bedoelde, er klonk afgunst door in de woorden van Schirrmacher, wiens krant steeds eenzamer wordt als cultureel bastion van Frankfurt.

In Berlijn hangt de vlag uit. Intimi van burgemeester Klaus Wowereit zeggen dat hij zich persoonlijk heeft ingezet voor de komst van Suhrkamp. Hij zou dat op een subtiele en onnadrukkelijke wijze hebben gedaan, „en dat is kennelijk bij uitgeefster Unseld-Berkéwicz in de smaak gevallen”, meent een betrokkene. Het stadsbestuur heeft naar verluidt een vestigingspremie geboden die aantrekkelijker is dan die van Frankfurt.

Berlijn werkt nog steeds als een magneet op de cultuur en de media. Vorig jaar trok het boulevardblad Bild van Hamburg naar Berlijn. Het Duitse persbureau DPA heeft soortgelijke plannen. Kunstenaars komen van heinde en verre naar de Duitse hoofdstad wegens het culturele klimaat.

Frankfurt – de stad van de gerenommeerde Frankfurter Buchmesse – heeft het nakijken. Felix Semmelroth, de wethouder van kunstzaken, is pijnlijk getroffen: „We betreuren de overstap zeer. Suhrkamp heeft grote betekenis, niet alleen voor Frankfurt maar voor de hele Europese cultuur.”

Suhrkamp is misschien niet de grootste, maar wel een van de meest spraakmakende literaire uitgeverijen van Duitsland. Het bedrijf werd in 1950 in een Berlijnse oorlogsruïne opgericht door Peter Suhrkamp, op aandringen van schrijver Hermann Hesse. Suhrkamp was voor de oorlog uitgever bij S. Fischer Verlag. Wegens hoogverraad werd hij in 1944 door de nazi’s gearresteerd en naar het concentratiekamp Sachsenhausen gestuurd. Kort na de oprichting verplaatste Suhrkamp zijn uitgeverij naar Frankfurt. Berlijn was tot 1933 ‘boekenstad’; vanaf de jaren vijftig was Frankfurt het. West-Berlijn lag te geïsoleerd.

Peter Suhrkamp trok Duitstalige auteurs aan als Bertolt Brecht, Max Frisch, Theodor W. Adorno, Martin Walser en Karl Zuckmayer. Maar hij gaf ook buitenlandse schrijvers uit, zoals T.S. Eliot en Samuel Beckett, die hij goed kende. Toen Suhrkamp in 1959 in Frankfurt overleed, werd hij opgevolgd door zijn medewerker Siegfried Unseld. Deze leidde het bedrijf tot zijn dood in 2002 en nam onder andere Insel Verlag over, de Duitse uitgeverij van Goethe, Rilke en tal van klassieken uit de wereldliteratuur.

Unseld was de man die de Suhrkamp-Kultur koesterde – een begrip in de Bondsrepubliek in de jaren zestig en lang daarna. De uitgeverij was niet alleen thuisbasis voor veel getalenteerde auteurs, maar fungeerde tevens als intellectueel platform voor heel West-Duitsland. „Suhrkamp gaf cultureel vorm aan de Bonner Republiek”, zegt een medewerker van de uitgeverij.

Maar de Bonner Republiek bestaat niet meer. Berlijn geeft nu de toon aan. Uitgeefster Ulla Unseld-Berkéwicz (60) zei in een toelichting dat haar bedrijf „beweeglijk” moet zijn, gelet op de economische situatie. En dat het de auteurs moet opzoeken. „Veel van onze Duitstalige en ook buitenlandse schrijvers wonen nu eenmaal in de hoofdstad.”

De bekende Duitse literatuurcriticus Marcel Reich-Ranicki, zelf woonachtig in Frankfurt, betreurt het vertrek van Suhrkamp, maar heeft er wel begrip voor. Tegen een lokaal radiostation zei hij: „Ulla Unseld-Berkéwicz moet een beslissing nemen die voor de onderneming het beste is. Ze hoeft geen rekening te houden met de ambities van het literaire wereldje in Frankfurt.”

Suhrkamp zal zich in de Berlijnse Brüderstrasse vestigen, een kleine, levenloze straat in het gerenoveerde oostelijke centrum van de hoofdstad. Het personeel in Frankfurt, ongeveer 130 mensen, heeft zich massaal uitgesproken tegen de verhuizing vanuit de geliefde Frankfurter Lindenstrasse. De vakbonden zijn bezorgd dat medewerkers gedwongen worden naar Berlijn te verhuizen, en vrezen banenverlies. Uitgeefster Unseld-Berkéwicz ziet dat anders: „Alles wat we doen, dient de toekomst en het veilig stellen van Suhrkamp. Er zijn geen arbeidsplaatsen in geding.”